Voor en door huisartsen
 

De huisarts moet wel dokter kunnen blijven

 
 
Als nieuwe voorzitter van de Landelijke Huisartsen Vereniging ben ik de afgelopen periode veel bezig geweest met kennismaken: met de leden, met de huisartsenzorg in algemene zin, met andere spelers in de zorg, met politici en bewindsvoerders. Wat me opviel in gesprekken met stakeholders is dat de huisartsen over het algemeen worden geroemd en van groot belang worden geacht binnen het zorgstelsel. Dat is natuurlijk mooi om te horen.

Huisartsen hebben, vanuit hun verantwoordelijkheidsgevoel én ambitie, hard meegewerkt aan vernieuwing in de zorg. De Foto van Ella Kalsbeek, voorzitter LHVhuisarts levert steeds meer zorg aan zijn/haar patiënten, onder andere door taken over te nemen uit de tweede lijn. Daardoor is zowel het eigen takenpakket als dat van de praktijk als geheel (van assistentes en praktijkondersteuners) verbreed. Ik zie dat de waardering daarvoor groot is en dat het de positie van de huisartsenzorg heeft versterkt. Dat is met recht iets om trots op te zijn als beroepsgroep.

In mijn contacten met huisartsen hoor ik dat ze nog altijd achter die inzet staan. Tegelijkertijd zeggen ze er vaak achteraan: "Maar ik wil wel dokter blijven!" Er zijn grenzen aan wat de sector op zich kan nemen. Het huisartsenvak heeft als kernwaarden generalistisch, persoonlijk en continu. Dat vind ik een goede meetlat om ontwikkelingen in de zorg langs te houden. Meer zorg in de buurt? Prima, want dat sluit aan bij het persoonlijke en continue karakter van de huisartsenzorg. Maar bij een al te grote stapeling aan (specialistische) werkzaamheden begint de schoen te wringen. Is de huisarts dan nog wel een generalist? En hoe lang kunnen we de persoonlijke benadering garanderen, bij een groeiend aantal ondersteunende medewerkers in de praktijk? Ik heb als duidelijke boodschap van de leden meegekregen om die kernwaarden te bewaken.

De cruciale positie van de huisarts zorgt ervoor dat de LHV op veel plekken aan tafel zit, om mee te denken en te werken aan de toekomst van de zorg. Natuurlijk altijd vanuit de belangen van de huisartsen, maar met de blik ook op belangen van patiënten en de zorg in het algemeen. Dat vragen onze leden ook van ons. Maar, zoals altijd in samenwerkingen, ben je ook afhankelijk van de inzet van de andere partijen. In het eerstelijns zorgakkoord uit 2013 hebben we afgesproken in te zetten op het versterken van de samenwerking met andere zorgverleners in de eerste lijn en het overnemen van zorg van het ziekenhuis. In de contracten van de zorgverzekeraars dit najaar zien we die ambities nog niet altijd terug. Gaat het dan alleen over geld? Nee, natuurlijk niet. Vanzelfsprekend moet er een eerlijke beloning zijn voor getoonde inzet. Maar het gaat vooral over de juiste vertaalslag van de gezamenlijke visie naar een haalbare praktijk, zodat we het uiteindelijke doel – zinnige, zuinige zorg – kunnen bereiken. Daar moet je elkaar op kunnen aanspreken en dat heb we dan ook gedaan.

Ik vind het leuk en uitdagend dat ik me, als voorzitter van de LHV, zowel met deze grote vragen rond de zorg als met de persoonlijke ervaringen van huisartsen en hun medewerkers bezig mag houden.

Ella Kalsbeek
Voorzitter Landelijke Huisartsen Vereniging

Wilt u naar aanleiding van dit blog reageren? Dat kan via HAweb.

Deze blog is ook als bijdrage in Medisch Contact verschenen.