Voor en door huisartsen
 

ICT in de zorg, de toekomst is nu

 
 
ICT en zorg zijn inmiddels onlosmakelijk met elkaar verbonden, maar tegelijkertijd zijn het vaak totaal verschillende werelden. De ene wereld denkt in termen van consumenten, de ander aan patiënten. De een kijkt vooral naar wat er kan, de ander naar wat gewenst of nuttig is. En dan hebben ze ook nog ieder een eigen jargon. Dat hebben we allemaal mee te nemen als we het beste van beide werelden willen hebben.
ICT in de zorg, de toekomst is nu
Carin Littooij, algemeen bestuurslid - Fotografie Babet Hogervorst

Ik bespeur nog wel eens wat weerstand onder collega-huisartsen. Een veelgehoord argument is dan dat het werk vroeger prima gedaan werd zonder ‘al die toeters en bellen’. Dat is waar, maar zonder ICT-toepassingen is er in de huidige wereld niet meer te leven. De tijden zijn veranderd, patiënten hebben andere verwachtingen, wensen en gewoontes, maar ook artsen zijn veranderd en hebben nieuwe interesses en vaardigheden gekregen. Er kunnen nu werkzaamheden opgepakt worden die tijd en geld besparen en de zorg veiliger maken. We zijn als huisartsen massaal - wie werkt er nou nog met de groene kaart? - overgestapt van handgeschreven naar elektronisch bijgehouden patiëntendossiers. ICT heeft de huisartsenzorg dus al veel gebracht. Waarom zijn we - of sommigen van ons - dan zo huiverig over andere ICT-toepassingen in de praktijk?

Ik ben groot voorstander van kritisch kijken naar nut en noodzaak. En de eerste om toe te geven dat ik zelf ook niet direct sta te trappelen om de nieuwste snufjes en digitale bijzonderheden toe te passen in mijn eigen praktijk. Maar ik sta wel open voor wat technologie ons kan brengen. Immers: waar doe ik het voor en hoe houd ik het vol? Mijn graadmeter is dan ook: wat levert het de patiënt op? Kan het efficiënter? Helpt het mij bij mijn praktijkvoering? Wordt de zorg er in zijn totaal beter van? In de beantwoording van die laatste vraag zit nadrukkelijk ook de belasting voor de huisarts besloten. Als die meter positief uitslaat, ben ik vóór.

Elke huisarts heeft zo zijn eigen meter. Dat betekent ook dat iedere huisarts zelf de afweging moet kunnen maken welke middelen hij in de patiëntenzorg inzet. Maar met zijn allen, als beroepsgroep, kunnen we ook een mening hebben over bepaalde ontwikkelingen, in het belang van de gehele huisartsenzorg . Daarom werken we als LHV aan een standpunt over e-health. Daarin verkennen we wat er zinnig is, wat haalbaar is en onder welke voorwaarden. En als het even kan ook nog leuk en makkelijk om te gebruiken. Dat geeft richting en ruimte voor huisartsen.

Om diezelfde redenen schuif ik, namens de LHV, aan bij het Informatieberaad. Dit is opgezet door het ministerie van VWS en aan tafel zitten allerlei partijen uit de zorg om te spreken over informatievraagstukken in de sector. Mijn hoop is dat we door in die brede samenstelling bij elkaar te zitten, de grote onnodige belemmeringen op ICT-gebied in beeld krijgen en zo mogelijk kunnen wegnemen, maar tegelijkertijd ook kunnen benoemen waar onze grenzen liggen. Technologie mag nooit ten koste gaan van het beroepsgeheim, de vertrouwde huisarts-patiënt-relatie, de tijd voor patiëntenzorg. Voor de LHV kan zo’n gremium als het Informatieberaad dienen om technische ontwikkelingen te verkennen en zo mogelijk te versnellen, maar nooit om dwingend iets op te leggen. Want uiteindelijk gaan wij als beroepsgroep zelf over de inhoud van ons vak en hoe we dat uitvoeren.

Hopelijk kunnen we met zijn allen de mooie kansen van informatietechnologie benuttenen er ook plezier aan beleven. Ik ben benieuwd hoe het onze sector en ons vak zal kunnen verrijken en versterken. De komende jaren beloven in dat opzicht veel. Aan ons allen de uitdaging om ermee aan het werk te gaan.

Carin Littooij
Algemeen bestuurslid LHV