Voor een gezonde huisartsenzorg
 

Verkiezingen 2017

Laatst bijgewerkt: 21/03/2017 - 16:05
Verkiezingen 2017
Op 15 maart 2017 waren de Tweede Kamerverkiezingen. In aanloop naar de verkiezingen heeft de LHV met programmacommissies gesproken over de centrale boodschap voor de huisartsenzorg: geef ons meer tijd voor de patiënt. Uit analyse van de verkiezingsprogramma’s blijkt de boodschap door sommige partijen bijna letterlijk overgenomen en andere partijen hebben er een eigen draai aan gegeven. In dit dossier leest u onze boodschap voor de politiek.

De LHV heeft in het voorjaar van 2016 richting alle verkiezingsprogrammacommissies van de politieke partijen het position paper Samen op weg naar de beste zorg in de buurt gestuurd waarin onze verkiezingsboodschap 'Meer tijd voor de patiënt' staat beschreven. Met bijna alle programmacommissies heeft de LHV in de periode daarna gesproken.

Centrale boodschap voor de huisartsenzorg

Huisartsen willen bijdragen aan goede doelmatige en betaalbare zorg in de buurt van hun patiënten. Maar dat kan alleen als de huisarts meer tijd krijgt voor zijn patiënten: de ouderen, de jeugd, de ggz-patiënten. Dus minder patiënten per huisarts én een stevig, breed inzetbaar praktijkteam.

In LHV-ledenblad De Dokter leest u de statements van de zorgwoordvoerders over het creëren van meer tijd voor de patiënt.

De LHV heeft de verkiezingsprogramma’s geanalyseerd op de punten die voor huisartsen belangrijk zijn. De conclusie: in de meeste programma’s heeft de huisarts een grote rol gekregen. Zo wordt er veelvuldig gesproken over ‘zorg dichtbij huis waarbij de huisarts en de wijkverpleegkundige doorslaggevend zijn.’

  • Het CDA stelt zorg dichtbij huis te willen versterken, hierbij spelen de huisarts en de wijkverpleegkundige een belangrijke rol. De huisarts blijft buiten het eigen risico vallen.
  • De PvdA wil de eerstelijnszorg versterken; in het bijzonder die van de huisartsen en gezondheidscentra. Eerstelijnszorg wordt ontdaan van alle marktwerking. De mededingingswet wordt aangepast waardoor alle zorgverleners in de eerste lijn mogen samenwerken. Delen van de tweedelijnszorg worden overgeheveld naar huisartsen en gezondheidscentra, waardoor veelvoorkomende eenvoudige ziekenhuiszorg direct in de wijken en dorpen wordt uitgevoerd en zo dichterbij de mensen komt. Het betalen van goodwill bij de overname van zorgpraktijken wordt ingeperkt. Er wordt blijvend geïnvesteerd in meer wijkverpleegkundigen en de samenwerking tussen welzijn en eerste lijn wordt gestimuleerd.
  • D66 heeft een aparte paragraaf over de rol van de huisarts; de huisarts speelt een cruciale rol bij het vinden van goede specialistische ondersteuning en bij preventie en bij het voorkomen van zorgvraag. D66 wil meer uitdragen dat huisartsenzorg niet van het eigen risico af gaat, waardoor het mijden van zorg wordt voorkomen en de huisarts zijn taak beter kan uitoefenen. Ook willen zij de samenwerking tussen huisarts-apotheker- jeugdhulp en welzijn in de wijk bevorderen. Met meer ondersteuning van POH’s zijn huisartsen in staat efficiëntere en betere zorg te verlenen. D66 wil deze rol verder versterken. Bijvoorbeeld via populatiebekostiging of door een deel van de vergoeding te bestemmen voor innovatie. Voor ondersteuning bij complexe transmurale ketenzorg moeten huisartsen gebruik kunnen maken van tweedelijns verpleegkundig specialisten of nurse practitioners. D66 spreekt over nieuwe vormen van zorginstellingen tussen de eerste en tweede lijn om de basiszorg te versterken. Daarbij wordt geïnvesteerd in de wijkverpleegkundige die veel zorgvragen, bij bijvoorbeeld huisartsen, kunnen voorkomen.
  • De VVD wil de samenwerking tussen bijvoorbeeld huisarts en fysiotherapeut of tussen de huisarts en de medisch specialist stimuleren (anderhalvelijnszorg). Zorggelden moeten zoveel mogelijk worden samengevoegd waardoor anderhalvelijnszorg wordt gestimuleerd. De VVD pleit voor een zelfstandige plek en bekostiging van de specialist ouderengeneeskunde in de eerstelijnszorg.
  • Groen Links pleit voor verbetering van de samenwerking tussen huisartsen, wijkverpleging en ouderenzorg op buurtniveau.
  • De ChristenUnie pleit ervoor dat zorgverzekeraars voldoende wijkverpleegkundige zorg inkopen, zodat wijkverpleegkundigen samen met huisartsen de spil in het zorgnetwerk in de buurt vormen. Ze wil dat ook in de regio’s eerstelijns- en anderhalvelijnszorg dichtbij beschikbaar blijven voor algemeen voorkomende behandelingen. Ziekenhuisbehandelingen worden waar mogelijk overgeheveld naar de eerstelijnszorg.
  • De SGP stelt dat goede zorg dichtbij huis wel zo prettig is. Dat geldt met name voor zorg die gegeven wordt door professionals in de eerste lijn, zoals huisartsen, apothekers, wijkverpleegkundigen en paramedici.
  • 50Plus wil dat huisartsen 7 dagen per week beschikbaar zijn.
  • De Partij voor de Dieren vindt de eerstelijnszorg cruciaal om zicht te houden op wat veelvoorkomende verschijnselen zijn en wat specialistische zorg nodig heeft. Huisartsen worden nauwer betrokken bij voorlichting over doneren van organen, bloed, plasma en stamcellen.
  • De SP noemt de huisartsen(zorg) in het verkiezingsdocument niet specifiek, op de website is een uitwerking te vinden van het thema Arts en ziekenhuis. Hierin pleit de SP voor meer investeringen in de eerstelijnszorg. Huisartsenzorg leent zich niet voor concurrentie, de financiering van huisartsen moet gebaseerd zijn op beschikbaarheid en het abonnementenstelsel, waarbij de huisarts een jaarlijks bedrag per inwoner/patiënt betaald krijgt, aangevuld met een consulttarief.
  • Het programma van de PVV spreekt niet over huisartsen(-zorg).

Naast het onder de aandacht brengen van de centrale boodschap Meer tijd voor de patiënt, heeft de LHV met andere zorgpartijen de krachten gebundeld:   

Agenda voor de zorg

De Agenda voor de Zorg bevat het aanbod van het zorgveld om te investeren in vernieuwende zorg. De partijen (vertegenwoordigers van consumenten/patiënten/ouderen, zorgaanbieders en zorgverleners, publieke gezondheidsdiensten en zorgverzekeraars) richten zich op een duurzame verbetering van de gezondheid van de bevolking en op een verbetering van de kwaliteit en doelmatigheid van de zorg. De agenda bevat 7 doelstellingen die de deelnemende partijen de komende 4 jaar samen met de nieuwe regering en de gemeenten willen realiseren:  

Normal 0 21 false false false NL X-NONE X-NONE /* Style Definitions */ table.MsoNormalTable {mso-style-name:Standaardtabel; mso-tstyle-rowband-size:0; mso-tstyle-colband-size:0; mso-style-noshow:yes; mso-style-priority:99; mso-style-parent:""; mso-padding-alt:0cm 5.4pt 0cm 5.4pt; mso-para-margin-top:0cm; mso-para-margin-right:0cm; mso-para-margin-bottom:8.0pt; mso-para-margin-left:0cm; line-height:107%; mso-pagination:widow-orphan; font-size:11.0pt; font-family:"Calibri",sans-serif; mso-ascii-font-family:Calibri; mso-ascii-theme-font:minor-latin; mso-hansi-font-family:Calibri; mso-hansi-theme-font:minor-latin; mso-fareast-language:EN-US;}

  • actieve betrokkenheid van patiënten en meer transparantie;
  • inzet op preventie;
  • samenhangende convenanten;
  • gezamenlijke innovatieagenda (waaronder eHealth);
  • voldoende gekwalificeerd personeel;
  • stabiele bekostiging en financiering;
  • voortgaande deregulering.

Aanbevelingen VELO

De Verenigde Eerstelijns Organisaties (VELO) schreven een brief aan de kabinetsformateur met 10 aanbevelingen voor betere zorg, dichtbij de patiënt en tegen lage kosten. De hoofdboodschap is dat toekomstbestendige eerstelijnszorg meer zorg uit de tweede lijn kan overnemen. Volgens de LHV kan dat alleen als de huisarts meer tijd krijgt voor de patiënt. Enkele aanbevelingen van VELO zijn:

  • Investeer in de capaciteit van de eerstelijnszorg en in de benodigde infrastructuur.
  • Beloon zinnige en zuinige samenwerking.
  • Faciliteer de veilige uitwisseling van vertrouwelijke gegevens tussen professionals.
  • Vergroot maatwerk in zorgcontracten door lokale en regionale focus.
  • Investeer over de volle breedte in afstemming en samenwerking in de zorg.

VELO bestaat uit ActiZ, InEen, KNGF, KNMP, KNMT, KNOV, LHV, LVVP en V&VN.