Jeugdwet aangenomen door Tweede Kamer

 
De Tweede Kamer heeft donderdagavond 18 oktober ingestemd met de Jeugdwet. Met deze eerste grote hervorming van het kabinet worden gemeenten vanaf 1 januari 2015 volledig verantwoordelijk voor alle jeugdhulp. Op aandringen van de Tweede Kamer komt er een extra waarborg in de wet om het verwijsrecht van de huisarts niet in te perken. Op dit laatste punt heeft de LHV hard gelobbyd.

De afgelopen twee weken heeft, over drie dagen verspreid, in de Tweede Kamer het debat plaatsgevonden over de Jeugdwet. Verschillende Tweede Kamerleden en de staatssecretaris van VWS hebben de positie en het verwijsrecht van de huisarts binnen de jeugdhulp ter sprake gebracht tijdens dit debat.

Amendement m.b.t. verwijsrecht
Zoals de LHV in aanloop naar het debat heeft benadrukt, is het van groot belang dat het verwijsrecht van de huisarts wordt gerespecteerd. De huisarts maakt de afweging tot verwijzen van kinderen naar jeugdhulp, zoals de jeugd-GGZ, op medisch-inhoudelijke gronden. De gemeente mag daar niet sturend in optreden, stelt de LHV.

Dat punt werd door SP, CDA, D66 en VVD aangekaart in het debat en leidde tot een amendement van het CDA-Tweede Kamerlid Mona Keijzer. In haar amendement staat dat de professionele standaard van zorgverleners leidend is bij het doorverwijzen van een kind door huisartsen, jeugdartsen en medisch specialisten. Deze extra waarborg is nu door middel van het amendement in de wet opgenomen waarover de LHV, net als de KNMG en Orde van Medisch Specialisten, verheugd is.

Staatssecretaris Van Rijn gaf in het debat aan dat het niet de bedoeling is dat gemeenten voorwaarden stellen aan de inhoud van de verwijzing, maar dat de afspraken tussen gemeenten en huisartsen dienen te gaan over onder meer het delen van informatie over verwijzingen. "De gemeente mag niet op de stoel van de professional gaan zitten", stelde Van Rijn.

Zorgpunten LHV
De voornaamste punten die de LHV bij Kamerleden en de staatssecretaris onder de aandacht heeft gebracht, zijn:

  • De huisarts is een goede poortwachter en garandeert de basishuisartsenzorg voor elk kind in elke gemeente.
  • Om hun rol goed te vervullen hebben huisartsen goede verwijsmogelijkheden nodig, dus voldoende en kwalitatief goed aanbod aan jeugdhulp in iedere gemeente.
  • Niet elke huisarts zal extra aanbod voor de jeugd kunnen organiseren, zoals het in dienst nemen van een POH jeugd-GGZ.
  • Het verwijsrecht van de huisarts mag niet worden ingeperkt. Niet het budget van de gemeenten, maar de medisch-inhoudelijke inschatting van de zorgprofessional dient leidend te zijn bij het bepalen welke zorg een jongere ontvangt.
  • Over de verwijsmogelijkheden en de financiële afwegingen die gemeenten gaan maken bij het leveren van jeugdhulp blijft de LHV bezorgd.

Vervolg politieke traject
Het wetsvoorstel kreeg brede steun in de Tweede Kamer. Niet alleen coalitiepartijen VVD en PvdA steunden het wetsvoorstel, maar ook het CDA, D66, CU en SGP. Het wetsvoorstel wordt nu samen met de aangenomen amendementen en moties naar de Eerste Kamer gestuurd. De behandeling in de senaat zal naar alle waarschijnlijkheid eind dit jaar plaatsvinden.