Voor en door huisartsen
 

Kamer laat vergunningenbeleid apotheekhoudenden onbesproken

 
 
Kamer laat vergunningenbeleid apotheekhoudenden onbesproken
De Tweede Kamer debatteerde dinsdag 21 februari over de eerstelijnszorg. Eén van de onderwerpen op de agenda was de vergunningenproblematiek bij apotheekhoudende huisartsen. We hebben in aanloop naar het debat de Kamerfracties benaderd om duidelijk te maken dat er nog steeds geen oplossing is voor deze problemen. Al onze inspanningen ten spijt is deze problematiek niet aan de orde gekomen tijdens het debat.

Het niet bespreken van dit probleem is jammer, want de Kamer heeft vorig jaar nog uitgebreid over deze problemen gesproken en unaniem een motie aangenomen waarin ze de regering oproept met oplossingen te komen.

Impactanalyse

Op de agenda van het debat stond een impactanalyse van het ministerie van VWS, als antwoord op die motie van vorig jaar. De minister stelt in die analyse dat ze gekeken hebben of bepaalde andere criteria kunnen worden gehanteerd in de beoordeling van een apotheekvergunning aan een huisarts. Ze heeft daarbij duidelijk gemaakt geen wetswijziging te willen, dus er is alleen gekeken naar enkele mogelijke oplossingen binnen de huidige wet. Zij stelt voor om voortaan als extra criterium mee te nemen in de beoordeling of de nabijgelegen openbare apotheek een bezorgdienst heeft of niet.

Reactie Apotheekhoudende Afdeling op VWS-analyse

Wat we de verschillende Kamerleden hebben verteld – en ook aan VWS hebben laten weten – is dat het voorstel van de minister geen antwoord is op de problematiek die in de motie wordt aangekaart. Een bezorgdienst moet een keuze zijn, geen verplichting. Voor bepaalde medicatie, situaties en patiënten is een bezorgdienst immers onvoldoende. Daarbij geldt ook nog dat als patiënten alleen van een bezorgdienst gebruik kunnen maken, zij beperkter zijn in hun keuzevrijheid dan andere patiënten.

Wat wij als alternatief voorstellen, is om als beleid te voeren dat als een huisartsenpraktijk reeds een apotheekvergunning heeft, dat alle patiënten van die praktijk er dan voor mogen kiezen om - naast de huisartsenzorg - ook voor de farmaceutische zorg naar deze praktijk te gaan. Wij zijn van mening dat een dergelijke wijziging niet leidt tot een andere zienswijze op de beroepenscheiding. Het leidt bovendien niet tot een toename van het aantal vergunningen voor huisartsenpraktijken noch tot nieuwe casuïstiek. Het zorgt wel voor een kwalitatief goede en toegankelijke farmaceutische zorg voor alle patiënten in plattelandsgebieden.

Helaas hebben we daar nu in de Tweede Kamer nog geen actie op weten te krijgen. We blijven ons hier echter voor inzetten, in contact met het ministerie, de uitvoeringsinstantie Farmatec en de politiek. We houden u op de hoogte van ontwikkelingen.