LHV uit fundamentele kritiek op nieuwe klachtenwet

 
Eerste Kamer debatteert 29 september over de Wkkgz
Op dinsdag 29 september debatteert de Eerste Kamer met minister Schippers over het wetsvoorstel Kwaliteit, klachten en geschillen in de zorg (Wkkgz). Deze wet maakt het indienen van een claim heel eenvoudig en zet de vertrouwensrelatie met de patiënt onder druk. De LHV heeft samen met de beroepsorganisaties in de eerstelijnszorg nogmaals de bezwaren kenbaar gemaakt.

De eerstelijnspartijen zien het klachtrecht als een belangrijk recht, voor de patiënt én omdat de kwaliteit van zorg er door verbetert. Door het wetsvoorstel komt juist die kwaliteitsimpuls in het gedrang. De laatste antwoorden van minister Schippers nemen de breedgedeelde kritiek van zorgaanbieders en zorgverlener niet weg. De eerstelijnspartijen hebben de Eerste Kamer daarom in een brief gewaarschuwd voor:

Claimcultuur en juridisering 

Als het wetsvoorstel wordt aangenomen, zijn zorgverleners verplicht met een klachtenfunctionaris te werken en zich aan te sluiten bij een (regionale) geschillencommissie. Niet de klachtenfunctionaris, maar de zorgverlener wordt dan de eerste die de klacht beoordeelt. Als de patiënt zich niet bij zijn oordeel neerlegt, kan hij met de klacht naar de geschillencommissie. Een cruciaal verschil met de huidige situatie is dat de patiënt met de klacht ook gelijk een claim kan indienen. Dit is geen verbetering omdat hiermee de deur wordt open gezet naar een claimcultuur en verdergaande juridisering.

Defensief handelen door zorgverlener

In de nieuwe situatie moet de zorgverlener dus eerst een oordeel geven over de tegen hem ingediende klacht. Het wetsvoorstel beoogt de klacht zo dichtbij mogelijk bij de bron af te handelen. Dit vraagt om een open houding van de betrokken zorgverlener. Die openheid kan alleen worden gerealiseerd als zorgverleners erop kunnen vertrouwen dat een zorgvuldige procedure wordt gevolgd als ze er met de klager niet uitkomen. Het risico op een claim, door de vermenging van de klacht- en claimafhandeling bij de geschillencommissie, heeft negatieve invloed op de openheid van zorgverleners na een incident en tijdens de klachtafhandeling. Hierdoor wordt de vertrouwensrelatie tussen zorgverlener en patiënt mogelijk geschaad en bestaat het risico dat er een verzakelijking van de relatie ontstaat. Defensief handelen bij zorgverleners kan hiervan een gevolg zijn. En dat betekent medisch gezien vaak slechtere zorg voor patiënten.

Zorgvuldigheid voorop

Mocht de Eerste Kamer toch onverhoopt instemmen met het wetsvoorstel, dan vragen de eerstelijnspartijen in de brief om zorgvuldigheid boven snelheid te laten gaan bij de implementatie van de wet en nauw betrokken te willen worden bij de te nemen stappen.

Inzet LHV

De LHV heeft zich de afgelopen jaren hard gemaakt om de invoering van de nieuwe klachtenwet tegen te houden. Eerst in de Tweede Kamer, door de KNMG te voorzien met argumenten vanuit de huisartsenzorg. Sinds oktober vorig jaar ook zelfstandig, om de onevenredige belasting van kleinschalige zorgaanbieders te benadrukken. We voerden gesprekken met politici, het ministerie van VWS, de patiëntenbeweging over waarom het zo belangrijk is dat de Wkkgz een uitzondering maakt voor huisartsen. 29 september weten we of die uitzondering er daadwerkelijk komt.

Meer informatie

* De volgende eerstelijnspartijen hebben hun bezwaren tegen het wetsvoorstel geuit richting de Eerste Kamer:
Landelijke Huisartsen Vereniging (LHV), Koninklijke Nederlandse Maatschappij tot bevordering der Pharmacie (KNMP), Koninklijke Nederlandse Maatschappij tot bevordering der Tandheelkunde (KNMT), Associatie Nederlandse Tandartsen (ANT), Nederlandse Vereniging voor Mondhygiënisten (NVM), Koninklijke Nederlandse Organisatie van Verloskundigen (KNOV), Vereniging van Oefentherapeuten Cesar en Mensendieck (VvOCM), het Koninklijke Nederlands Genootschap voor Fysiotherapie (KNGF), de Landelijke Vereniging van Vrijgevestigde Psychologen & Psychotherapeuten (LVVP) en InEen.