Voor en door huisartsen
 

LHV: Wet elektronische gegevensuitwisseling onuitvoerbaar

 
 
Op uitnodiging van de Kamercommissie VWS heeft de LHV gisteren in de Eerste Kamer haar visie gegeven op het wetsvoorstel ‘Cliëntenrechten bij elektronische verwerking van gegevens’. De LHV vindt de aandacht voor patiëntenrechten goed, maar vindt dit wetsvoorstel onuitvoerbaar in de dagelijkse praktijk van huisartsen.

Maandag 13 april organiseerde de Eerste Kamercommissie een deskundigenbijeenkomst, om zich te laten informeren door het veld over het wetsvoorstel ‘Cliëntenrechten bij elektronische verwerking van gegevens’. De Eerste Kamer gebruikt deze input voor de verdere behandeling van deze wet. Namens de LHV was landelijk bestuurslid Carin Littooij uitgenodigd om de zienswijze van de vereniging te geven.

Patiëntenrechten zeer belangrijk

Littooij benadrukte het belang van aandacht voor zorgvuldige omgang met medische gegevens en voor de rechten van patiënten: “Als huisartsen hechten wij zeer aan ons beroepsgeheim. Het is cruciaal dat patiënten weten dat wat zij ons toevertrouwen, bij ons veilig is. Daarom is het van groot belang dat de rechten van patiënten bij uitwisseling van informatie wettelijk goed verankerd zijn.”

Niet uitvoerbaar

Het voorstel dat er nu ligt, voert echter zo ver, dat het in de praktijk onuitvoerbaar wordt. Het wetsvoorstel vereist namelijk:

  • Zeer veel toestemming geven. Patiënten moeten tot op zeer gedetailleerd niveau toestemming kunnen specificeren, waardoor ze mogelijk een groot aantal keren toestemming moeten verlenen. Hoe houd je dan het overzicht van waar je wel en geen toestemming voor hebt gegeven?
  • Zeer vaak toestemming vragen en registreren. De zorgverlener moet een groot aantal keren per patiënt toestemming vragen. Namelijk voor elke mogelijke situatie waarin en alle mogelijke (typen) zorgverleners waarmee gegevensuitwisseling kan plaatsvinden. Al deze toestemmingen moeten vervolgens elektronisch worden vastgelegd.
  • Vóór het raadplegen weer toestemming vragen. Wanneer de patiënt bij een andere zorgverlener komt, moet deze nogmaals om toestemming vragen voordat hij de gegevens daadwerkelijk mag raadplegen, ook al heeft de patiënt al toestemming gegeven dat gegevens met deze persoon mogen worden uitgewisseld.

De LHV denkt dat hiermee kostbare tijd verloren gaat, die niet besteed kan worden aan werkelijk zorg leveren, en dat het proces nodeloos ingewikkeld en onoverzichtelijk wordt.

Onduidelijkheid over waarneemsituaties

Het is niet duidelijk of de nieuwe wet ook geldt bij reguliere waarneemsituaties, bijvoorbeeld wanneer de eigen huisarts op vakantie is. In het kader van goede zorg is het van groot belang dat de waarnemend huisarts dan inzage heeft in de patiëntengegevens. Moet de huisarts eerst aan al zijn patiënten toestemming hebben gevraagd om inzage door de waarnemer te kunnen toestaan? Je weet van te voren niet met welke patiënten de waarnemer contact zal hebben.

LHV-bestuurder Carin Littooij trok daarom de conclusie: “Deze wet is op dit moment op cruciale punten niet uitvoerbaar en over belangrijke zaken onduidelijk. Wij maken ons grote zorgen.”

Patiëntenportaal als oplossing?

Om eenvoud te brengen in het proces van toestemmingen geven, vragen en registreren, stelt de LHV voor dat er een (liefst online) patiëntenportaal komt. In zo’n portaal kunnen patiënten zelf hun toestemmingen registeren, bijhouden en inzien. De toestemmingen dienen dan van toepassing te zijn op alle systemen die door zorgverleners worden gebruikt voor onderlinge uitwisseling van gegevens. De LHV krijgt in dit pleidooi steun van de patiëntenfederatie NPCF. 

KNMG

De LHV heeft in het politieke proces rondom dit wetsvoorstel opgetrokken met de KNMG. Ook de KNMG was tijdens de deskundigenbijeenkomst in de Eerste Kamer vertegenwoordigd.