Nieuwe regels jaarverantwoording onbetaalbaar en onuitvoerbaar

 
Nieuwe regels jaarverantwoording onbetaalbaar en onuitvoerbaar
Een jaarlijkse accountscontrole, een jaarrekening volgens een vast model én een bestuursverslag voor huisartsenpraktijken? Als het aan het ministerie van VWS ligt wel. De nieuwe regeling waar dit in staat, is voor ons onaanvaardbaar en kost de eerstelijn jaarlijks minstens 100 miljoen euro. In dit bericht leest u waarom wij vinden dat de regeling terug naar de tekentafel moet.

Update 26-11-2020: Het ministerie van VWS heeft inmiddels contact gezocht om een afspraak te maken met de LHV en de KNMT, die alle betrokken partijen zullen vertegenwoordigen.

Ook minister Tamara van Ark (Medische Zorg) heeft al via de media laten weten snel met de koepelorganisaties in gesprek te gaan over de wet. „Ik vind de balans tussen enerzijds voldoende verantwoording - om te voorkomen dat geld dat voor de zorg is bedoeld daar niet terechtkomt - en anderzijds zo min mogelijk administratieve lasten heel belangrijk”, aldus de minister.

Wij maken ons samen met 11 andere eerstelijnspartijen grote zorgen over de impact van de nieuwe ‘Regeling jaarverantwoording WMG’. Kleinschalige eerstelijnszorgaanbieders zoals huisartsenpraktijken worden namelijk geconfronteerd met een onacceptabele lastenverzwaring, zowel administratief als financieel. Zo hebben accountants berekend dat alleen al de accountantscontrole de eerstelijnszorg jaarlijks 100 miljoen euro zal kosten. En dit is nog maar 1 van de nieuwe verplichtingen onder de regeling,

Daarnaast moet er ook een jaarrekening volgens een voorgeschreven model worden gemaakt. Ook moet jaarlijks een vragenlijst over de financiële bedrijfsvoering worden ingevuld en een bestuursverslag worden opgesteld.

Disproportioneel

De nieuwe eisen vloeien voort uit bredere wetgeving gericht op het bestrijden van fraude en versterken van het toezicht in de zorg. In de eerder aangenomen Wet toetreding zorgaanbieders (Wtza) zijn meer verplichtingen opgenomen, zoals een meldplicht, vergunningsplicht en eisen aan de bestuursstructuur. De regeling rondom de openbare jaarverantwoording is een uitwerking van enkele wijzigingen die met deze wet samen hangen.

Binnen de eerstelijnszorg komt fraude echter nauwelijks voor, terwijl de impact van de regeling groot is. Het is dan ook disproportioneel om een hele sector aanvullende informatie te laten verstrekken met het oog op fraudebestrijding, terwijl uit onderzoek blijkt dat fraude bij kleinschalige eerstelijns zorgaanbieders nauwelijks voorkomt

Daarnaast blijkt het ook onuitvoerbaar voor zorgverleners én accountants. Accountants kunnen op basis van de nu gestelde verplichtingen namelijk geen goedkeurende verklaring afgeven, omdat binnen de eerstelijnszorg de noodzakelijke organisatiestructuur, met scheiding van functies, ontbreekt.

Kleine en grote zorginstellingen

Dit raakt ook gelijk aan het overkoepelende bezwaar dat de eerstelijnscoalitie heeft aangedragen. Deze wetgeving is opgesteld met grote zorginstellingen in gedachten. Kleinschalige eerstelijns zorgaanbieders zijn echter heel anders georganiseerd. De zorgverlener, zoals een huisarts, is zelf ook de praktijkhouder. Een managementlaag of administratie die deze lasten op kan pakken ontbreekt. Elke nieuwe administratieve last gaat dus rechtstreeks ten koste van tijd voor de patiënt.

De afgelopen jaren hebben de lasten zich opgestapeld en het ministerie lijkt zich onvoldoende bewust van de impact die dit heeft op kleinschalige zorgaanbieders. Daarom pleit de eerstelijnscoalitie ervoor om de huidige regeling te schrappen en samen met de eerstelijn een nieuwe regeling te ontwerpen. Een regeling die toeziet op een juiste besteding van publiek geld en de impact zoveel mogelijk beperkt.

Naast een reactie op de internetconsultatie die de partijen nu ingediend hebben, heeft de eerstelijnscoalitie een brief gestuurd naar de Regiegroep (Ont)Regel de Zorg, worden Tweede Kamerleden benaderd en sturen wij aan op bestuurlijk overleg met het ministerie van VWS.

Bekijk ook: dossier Wtza

De eerstelijnscoalitie bestaat uit deze 12 eerstelijnspartijen: LHV, KNMT, KNOV, KNMP, KNGF, ANT, ONT, LVVP, InEen, NVvP, NVM-mondhygiënisten en de ONT.