Voor en door huisartsen
 

Opvolger wet DBA vraagt om zorgspecifieke invulling

 
 
Opvolger wet DBA vraagt om zorgspecifieke invulling
Het Kabinet komt waarschijnlijk in 2020 met nieuwe wetgeving voor zzp’ers. Deze wetgeving wordt ook van toepassing op zelfstandig werkende zorgprofessionals zoals waarnemend huisartsen. Praktijkhouders die met waarnemers werken, krijgen er ook mee te maken. De LHV is samen met andere zorgorganisaties bezorgd dat zorgspecifieke punten onvoldoende worden meegenomen in het nieuwe wetsvoorstel met negatieve gevolgen voor de gezondheidszorg.

Smeeroliefunctie

In de zorg zijn zzp’ers belangrijk om de continuïteit en kwaliteit van zorg te waarborgen. Ze vervullen een smeeroliefunctie op het moment dat aanvullende of vervangende capaciteit nodig is. Op dit moment weten we niet hoe de nieuwe wet precies wordt uitgewerkt. Wel vrezen we dat de nieuwe wet op bepaalde vlakken lastig uitvoerbaar wordt en onvoldoende rekening houdt met de vereisten die specifieke zorgwetgeving stelt aan zorgverleners.

Kwaliteit en continuïteit van zorg

In het kader van de nieuwe wet is een webmodule in ontwikkeling waarmee opdrachtgever en zzp’er vooraf kunnen toetsen of er sprake is van het werken buiten dienstbetrekking. De toets is gebaseerd op criteria uit onderliggende wetgeving waarin het al dan niet bestaan van een dienstbetrekking is beschreven.

Eén van die criteria, namelijk het gezagscriterium, is opgenomen in het Handboek loonheffingen van de Belastingdienst. Daarin zijn aanwijzingen geformuleerd die wijzen op gezag. Als bepaalde ‘aanwijzingen’ uit dat handboek direct worden doorvertaald naar de toets zonder daarbij rekening te houden met de specifieke vereisten vanuit zorgwetgeving, kan dat gevolgen hebben voor de kwaliteit en continuïteit van zorg. Het gaat om de volgende aanwijzingen van gezag:

  • Duur van de opdracht: voor de continuïteit van zorg is het van belang dat de duur van de opdracht flexibel blijft. Waarneming langer dan een jaar is in de zorg namelijk niet ongebruikelijk. Hierbij valt te denken aan vervanging bij ziekte of studie. In de eerste voorstellen vanuit het ministerie lezen we dat het plan bestaat om deze termijn tot een jaar te beperken. Bovendien moet de duur van tevoren worden bepaald, iets wat juist gezien de onvoorspelbare aard van de zorgvraag de continuïteit van zorg in de weg staat.
  •  
  • Vergelijkbare werkzaamheden: zorgverleners die als zzp’er werken, beoefenen meestal de kernactiviteit, het verlenen van zorg, van de opdrachtgever uit en verrichten vergelijkbare werkzaamheden als de zorgverlener die zij vervangen. Dit levert een negatief punt in de beoordeling op als dit als criterium wordt opgenomen, omdat zzp’ers zich niet meer met kernactiviteiten zouden mogen bezighouden.
  •  
  • Aansturen medewerkers: als het aansturen van een doktersassistente of praktijkondersteuner door een waarnemend huisarts een aanwijzing is voor de aanwezigheid van een gezagsverhouding, dan staat dit op gespannen voet met de wet BIG.

Vorig jaar hebben we als branche- en beroepsorganisaties van onder meer medisch specialisten, tandartsen en huisartsen dit al kenbaar gemaakt bij het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid en in de Tweede Kamer. Onze punten worden nog onvoldoende opgepakt. Daarom hebben we nogmaals onze zorgen geuit bij de behandelend ambtenaren. Er ligt naar aanleiding van dit contact in ieder geval al een uitnodiging om binnenkort te komen praten op het ministerie.