Spring naar content

Gebruik van gevalideerde sneltesten in huisartsenpraktijk

Gebruik van gevalideerde sneltesten in huisartsenpraktijk

9 november 2020

Een aantal antigeen(snel)testen is inmiddels gevalideerd om te gebruiken bij mensen met klachten passend bij COVID-19. Het OMT heeft daarom positief geadviseerd over het gebruik van deze testen, ook bij zorgmedewerkers met klachten. Na een negatieve uitslag moet alsnog een PCR worden gedaan; na een positieve uitslag is dat niet nodig, dan moet de medewerker in isolatie (blijven).

Beleid en bekostiging afbeelding

In dit bericht beantwoorden we een aantal prangende vragen over de inzet van sneltesten in de huisartsenzorg.

Om welke testen gaat het?
Momenteel zijn de antigeensneltesten van Abbott, Becton Dickinson en Roche gevalideerd voor bruikbaarheid voor personen met klachten in de setting van GGD-teststraten in Nederland. Daar kunnen nog anderen bijkomen, als die ook zijn gevalideerd door het RIVM.

Wie kan er mee getest worden?
Het OMT zegt dat er nog geen validatiestudies met antigeentesten zijn afgerond bij mensen zonder klachten. In december volgt daar waarschijnlijk meer nieuws over. De testen kunnen op dit moment dus alleen betrouwbaar worden ingezet voor mensen met klachten.

Wat is het beleid na een positieve en na een negatieve testuitslag?
Bij de antigeensneltesten is er een wat grotere kans op fout-negatieve uitslagen dan bij de reguliere PCR. Daarom raadt het OMT aan dat zorgmedewerkers (die immers in aanraking komen met kwetsbare personen) na een negatieve sneltestuitslag nog wel een PCR-test laten doen.

De NHG-richtlijn geeft aan dat er in bepaalde situaties wel mag worden gewerkt in afwachting van de uitslag van de PCR-test: als de medewerker slechts milde klachten heeft, de inzet van deze persoon nodig is voor continuïteit in de zorg én de medewerker goede persoonlijke beschermingsmiddelen draagt.

Dus:

  • na een positieve testuitslag: isolatie. Geen extra bevestiging via PCR-test nodig. Melding doen van positieve testuitslag bij de regionale GGD.
  • na een negatieve testuitslag: PCR-test laten afnemen. Bij slechts milde klachten en onvervangbaar in de praktijk: werk met persoonlijke beschermingsmiddelen aan tot de PCR-testuitslag er is. In andere situaties: blijf thuis tot de uitslag van de PCR-test er is.

Meer informatie over de randvoorwaarden en adviezen voor het afnemen vindt u in de uitleg van het NHG.

Hoe zijn deze antigeentesten te verkrijgen?
De antigeen(snel)testen kunnen worden besteld via het LCH (Landelijk Consortium Hulpmiddelen). Huisartsen kunnen hun bestellen plaatsen via het daarvoor ingerichte portaal. Op dit moment is nog niet duidelijk hoe u de kosten van deze tests kunt declareren. Daarover zijn we nog in overleg met VWS. Daarom adviseren we u om de facturen te bewaren. We hopen u snel te kunnen laten weten hoe en waar de declaratie kan worden ingediend.

Mogen huisartsen eigen medewerkers testen?
Zoals we in een eerder bericht hebben uitgelegd, stelt privacywetgeving dat een werkgever niet zelf gezondheidstesten bij personeelsleden mag afnemen, omdat een werkgever geen medische gegevens van werknemers mag verwerken. Het ministerie van VWS wijst er op dat de Autoriteit Persoonsgegevens toezicht houdt op naleving hiervan.

Als LHV vinden we nog steeds dat het in situaties verdedigbaar is om hiervan af te wijken. We vinden dat de volksgezondheid hier voorop staat. Als de wachttijden bij de teststraten lang zijn, vinden we het geoorloofd dat als een medewerker daar zelf om vraagt, de huisarts een test bij die medewerker afneemt.

U kunt overigens ook overwegen om met andere praktijken in de buurt afspraken te maken om onderling elkaars personeel te testen.

Nieuws

Op deze pagina vindt u alle actuele informatie voor huisartsen over het coronavirus (COVID-19).

Pas een kleine twee weken aan het werk voor de LHV en in de gesprekken met huisartsen tekent zich al een rode draad af. Voorzitter Mirjam van ’t Veld hoort en ziet de toenemende druk op de huisartsenpraktijk: “De vele, vele telefoontjes, inhaalzorg, het niet rond krijgen van de personele bezetting in de zomer. En niet te vergeten, de tweede vaccinatieronde die ook volop bezig is. Veel huisartsen en de medewerkers zitten echt aan hun taks, dat is duidelijk.”

Mensen die één prik van AstraZeneca hebben gehad, krijgen de keuze of zij voor de tweede prik weer AstraZeneca willen of het vaccin van Pfizer. Mensen die de voorkeur geven aan een tweede prik met Pfizer, kunnen vanaf 16 juli de GGD bellen om een afspraak te plannen. Alle anderen kunnen de geplande afspraak voor vaccinatie door de huisarts gewoon laten staan.