Spring naar content

Wat zeggen politieke partijen over arbeidsmarkt en zzp?

De LHV heeft voor u alle verkiezingsprogramma’s bekeken en een overzicht gemaakt van de belangrijkste zorgonderwerpen. Ditmaal lichten we het thema arbeidsmarkt en de voorstellen voor zzp’ers uit. Wat zeggen de politieke partijen hierover in hun verkiezingsprogramma?

Beleid en bekostiging afbeelding

Arbeidsmarkt

D66 vindt dat daar waar acute tekorten zijn, moeten zorgaanbieders en de overheid werken aan betere werkomstandigheden en ondersteuning van zorgprofessionals. Bijvoorbeeld in de opvolging van een huisarts in achterstandswijken of krimpgebieden. Ook willen de democraten dat het werkplezier van zorgprofessionals is gebaat bij meer vertrouwen in hun professionaliteit en motivatie. De overheid stimuleert werkgevers om mensen inspraak te geven in het werkrooster en opleidingen aan te bieden.

De VVD zet in op aantrekkelijker werkomstandigheden voor het zorgpersoneel door hen meer autonomie, opleidingen, flexibelere roosters en doorgroeimogelijkheden te bieden. En verpleegkundigen krijgen een plek in het bestuur van zorginstellingen.

GroenLinks wil dat organisaties in vitale sectoren, zoals de zorg, extra ondersteuning krijgen om stageplekken te creëren. En in medische opleidingen en op de werkvloer komt er meer aandacht voor persoonlijke ouderenzorg en goede zorg voor ouderen met een ongeneeslijke ziekte.

De PVV wil tienduizenden extra zorgmedewerkers. De PVV wil dat het makkelijker wordt om meer uren te werken en daar een betere beloning aan over te houden. De partij wil dat er een voltijdbonus komt en dat overheadmedewerkers met behoud van salaris weer op de werkvloer kunnen gaan werken.  

Het CDA wil dat meer taken van medisch specialisten en huisartsen kunnen worden overgenomen door verpleegkundig specialisten, Physician Assistants en praktijkondersteuners. En de partij wil een flinke opwaardering van het beroep van verpleegkundige.

De PvdA investeert in de werkomstandigheden en perspectief van zorgpersoneel. Ook moeten meer wijkverpleegkundigen worden aangesteld.

De SP wil de hoge uitstroom van personeel uit de zorg stoppen en goed werkgeverschap wordt leidend.

50PLUS wil nieuwe technologieën stimuleren om de krapte op de arbeidsmarkt (deels) op te vangen.

De ChristenUnie wil betere arbeidsvoorwaarden en werkomstandigheden in de zorg en vertrouwen in de professionaliteit van zorgverleners wordt het uitgangspunt.

De SGP wil meer aandacht voor duurzame inzetbaarheid van (oudere) ervaren zorgmedewerkers. En zorg- en hulpverleners moeten breder inzetbaar zijn dan alleen in hun eigen vakgebied. Daarom wil de SGP dat er extra wordt geïnvesteerd in scholing en training.

De PvdD investeert in zorgverleners: ruimte voor (bij)scholing en goede arbeidsvoorwaarden zijn vanzelfsprekend. Zorgmedewerkers krijgen meer te zeggen over de inhoud van hun werk en werkroosters.

DENK wil dat de werkomstandigheden en arbeidsvoorwaarden in de zorg structureel worden verbeterd. Daarnaast wil de partij zorgpersoneel in het leveren van cultuursensitieve zorg.

FvD focust op meer concurrerende arbeidsvoorwaarden waardoor de zorg weer aantrekkelijk gemaakt kan worden voor werknemers.

Veel partijen pleiten voor medisch specialisten in loondienst van het ziekenhuis zoals CDA, D66, PvdA, ChristenUnie, PvdD en DENK.

In bijna alle programma’s staat de ambitie om het minimumloon te verhogen, tot hoe hoog verschilt per partij. Op het thema salarisverhoging voor zorgmedewerkers zijn D66, GroenLinks, PvdA, PVV, SGP en CDA voorstander. Maar naast salaris proberen partijen ook met andere financiële prikkels het werken in de zorg aantrekkelijker te maken. Er is consensus om kinderopvang (deels) kosteloos te maken en een eind te maken aan doorgeschoten flexibilisering van de contracten. Zie hieronder de tekst over zzp.

Het versimpelen van het toeslagensysteem en veranderen van de inkomstenbelastingen zal na de verkiezingen een belangrijk thema worden. De partijen hebben hiervoor uiteenlopende plannen.

Wat vindt de LHV?

De LHV zet in op instroom en behoud van goed opgeleide, gemotiveerde en duurzaam inzetbare medewerkers die graag in de huisartsenzorg (blijven) werken. Wij pleiten voor meer opleidingsplekken, stimuleren en ondersteunen bij de realisatie van stageplaatsen en de verbetering van de kwaliteit van opleidingen. Wij brengen de huisartsenzorg onder de aandacht bij het Ministerie van VWS om te komen tot minder complexe regelgeving en meer op de huisartsenzorg gerichte opleidingssubsidies. De arbeidsmarktsituatie wordt gemonitord en we richten ons op het versterken van de zichtbaarheid en het imago van de huisartsenzorg. Wij zijn een attractieve werkgever, wij bieden aantrekkelijke en concurrerende arbeidsvoorwaarden en hebben goede werkomstandigheden. Medewerkers in de huisartsenzorg zijn het meest tevreden met hun werk in vergelijking met andere branches in zorg en welzijn. 83% van de medewerkers is enthousiast over zijn baan. Het werken in een relatief klein team moeten wij koesteren. Wij geven handvaten bij het vormgeven van een optimaal praktijkteam en ondersteunen bij het geven van invulling aan goed werkgeverschap.

Zelfstandigen zonder personeel

Onder meer uit de analyse van de commissie-Borstlap blijkt dat er te grote verschillen zijn gegroeid tussen verschillende contractvormen. D66 wil die ongelijkheid bestrijden. De VVD vindt dat er hervormingen op de arbeidsmarkt nodig zijn. De liberalen willen een scherper onderscheid tussen echte zelfstandigen en schijnzelfstandigen en dat de belastingdienst hierop handhaaft. En schijnconstructies worden aangepakt. Het CDA wil een herwaardering van het vaste contract als norm voor een duurzame arbeidsrelatie tussen werkgevers en werknemers. De belastingdruk op arbeid wordt minder afhankelijk gemaakt van de contractvorm waarin het werk wordt verricht. De ChristenUnie pleit voor minimumtarieven voor zzp’ers in cao’s, om oneigenlijke concurrentie te voorkomen. Een vast contract wordt aantrekkelijker, flex wordt duurder. Daarnaast gaan werkgevers, werknemers met een flexibel contract een flextoeslag betalen.

De PvdA wil de wildgroei aan contractvormen stoppen en staat in de toekomst nog slechts drie contracten toe. En de partij zet in op een werknemersvoordeel zodat het aantrekkelijker wordt om mensen in vaste dienst te nemen. De PvdA wil een einde maken aan onderbetaling van zzp’ers. Ze wil de Mededingingswet aanpassen zodat zelfstandigen collectief kunnen onderhandelen over hun tarieven. Ook worden er minimumtarieven afgesproken, die minimaal gelijk zijn aan de volledige kosten voor een werknemer. De SP wil voorkomen dat mensen gedwongen als zelfstandige aan de slag moeten. GroenLinks wil een einde maken aan uitbuiting via zonderlinge contractvormen (slechts 3 contractvormen) en zet in op het duurder maken van tijdelijke contracten voor werkgevers en schijnzelfstandigheid onmogelijk maken. De SGP wil dat duurzame arbeidsrelaties aantrekkelijker moeten worden gemaakt en in balans worden gebracht met ‘echt’ ondernemerschap. Echte zzp’ers moeten de ruimte krijgen, schijnzelfstandigheid moet tegengegaan worden. Daarnaast moeten (potentiële) zelfstandigen zonder personeel bewust gemaakt worden van de lusten én de lasten van het zzp-schap.

Als het gaat over verplichte verzekeringen bij zzp’ers is er geen overeenstemming tussen de partijen. De PvdA wil dat opdrachtgevers van zelfstandigen meebetalen aan verplicht pensioen en bescherming tegen arbeidsongeschiktheid, zodat ook zzp’ers op sociale bescherming kunnen rekenen. GroenLinks wil dat werkgevers en opdrachtgevers pensioenpremie betalen voor iedereen die voor hen werkt, ook voor uitzendkrachten en zzp’ers. De SP wil de sociale zekerheid voor zzp’er verbeteren, onder meer door recht op een goed pensioen en een collectieve verzekering tegen arbeidsongeschiktheid. FvD wil de heffingskorting voor zzp’ers behouden en fiscale regelgeving vereenvoudigen door een hogere belastingvrije voet. Zzp’ers mogen niet worden gedwongen om aan verplichte (pensioen)verzekeringen deel te nemen. Enkele partijen pleiten voor een verplichte arbeidsongeschiktheidsverzekering.

Wat vindt de LHV?

De LHV blijft zich inspannen voor goede zzp-wetgeving voor haar leden, onder andere in gesprekken bij de ministeries van VWS en SZW en met de politiek. We hebben 3 eenvoudige uitgangspunten:

  1. Waarnemers zijn essentieel voor de continuïteit en kwaliteit van zorg. Ze vervullen een smeeroliefunctie op het moment dat aanvullende of vervangende capaciteit nodig is. Dat zien we ook in de coronacrisis waar waarnemers zieke collega s vervangen en een rol spelen in het bij vaccinatieproces.
  2. Zorg dat nieuwe maatregelen aansluiten op de specifieke eisen die aan werken in de huisartsenzorg worden gesteld.
  3. Administratieve last voor praktijkhouder én waarnemer moet beperkt blijven.

Pilot webmodule

Per 11 januari 2021 start de overheid met een pilot voor de zzp-webmodule, om u te helpen de arbeidsrelatie juist te beoordelen. Tot dusverre vindt de LHV de webmodule een generiek hulpmiddel, dat onvoldoende aansluit bij de huisartsenzorg. Wij adviseren om de arbeidsrelatie te toetsen met behulp van de memo toetsing arbeidsrelatie waarnemer en met behulp van onze Keuzewijzers. Ook gaan we met een groep huisartsen in gesprek over de praktische werking van de webmodule. De resultaten van deze gesprekken overhandigen we aan de overheid. Mede vanwege de pilot met de zzp-webmodule is de handhaving aan de opdrachtgeverszijde verder uitgesteld tot oktober 2021. Zie ook het dossier op de website van de LHV.

U kunt het Grote Zorgdebat hier terugkijken.

Nieuws

Heeft u bij Nationale-Nederlanden of Nedasco een verzuimverzekering of een WGA-hiaatverzekering afgesloten, via de LHV-mantelovereenkomst? Weet dan dat op 1 januari 2022 het contract afloopt. In dit bericht leest u over het verleningsvoorstel en welke uitbreidingsmogelijkheden wij met de betrokken verzekeraars hebben afgesproken.

De tarieven voor 2022 zijn minder hard gestegen, dan de tarieven voor 2021. Hoe zit dat? In dit bericht leggen we uit hoe de indexering tot stand komt, wat de relatie met het NZa-kostenonderzoek is en hoe de LHV opkomt voor het huisartsenbelang.

Het kabinet blijft doof voor onze bezwaren tegen de verplichting om voortaan elk jaar een lange vragenlijst over de financiële huishouding in de huisartsenpraktijk te beantwoorden. Onze aangedragen alternatieven schuift staatssecretaris Blokhuis van VWS terzijde. Dit blijkt uit de brief die hij over de regeling Jaarverantwoording Wmg aan de Tweede Kamer heeft gestuurd.