Voor en door huisartsen
 

5 vragen over detacheren

 

Als huisarts kunt u ervoor kiezen een medewerker niet rechtstreeks in dienst te nemen, maar via detachering in de praktijk te laten werken. Vijf vragen over de belangrijkste aandachtspunten.

1. Waarom een detacheringsconstructie? Vooral na de komst van de POH-GGZ is de detacheringsconstructie in zwang geraakt. Toen nog niet duidelijk was of de financiering voor de POH-GGZ structureel zou worden, was het aantrekkelijk een gedetacheerde medewerker van bijvoorbeeld een ggz-instelling aan te nemen. Die constructie is blijven bestaan, ook nu de financiering van de POH-GGZ wel structureel is. Ook assistentes en de POH-S worden wel gedetacheerd.

2. Moet ik een contract met een gedetacheerde medewerker sluiten? Jazeker, als de gedetacheerde een zorgverlener is, bent u daartoe verplicht. De Wet Kwaliteit, Klachten en Geschillen Zorg (Wkkgz) verplicht u om met de zorgverlener zélf een schriftelijke overeenkomst sluiten waarin wordt bepaald dat de zorgverlener zich houdt aan de wettelijke verplichtingen die gelden voor uw praktijk en aan de regels van de praktijk zelf. De afdeling Juridische Zaken van de LHV heeft een modelovereenkomst beschikbaar.

3. Bij een gedetacheerde medewerker is het toch makkelijker om afscheid te nemen? Dat hangt ervan af. Vaak staat in een detacheringsovereenkomst dat er sprake is van ‘structurele detachering’. In dat geval geldt er btw-vrijstelling, maar zijn er ook strikte voorwaarden wanneer u afscheid wilt nemen van deze medewerker. U bent als inlener bij structurele detachering bijvoorbeeld verantwoordelijk voor de (financiële) gevolgen van het beëindigen van de overeenkomst. Dat kan in het uiterste geval betekenen dat de transitievergoeding voor uw rekening komt als de detacherende instelling geen andere plek heeft voor de medewerker. Ook bent u verplicht de betreffende medewerker te helpen bij het zoeken naar ander werk.

4. Wie is financieel aansprakelijk voor de fouten van een gedetacheerde medewerker? Dat bent u als huisarts, omdat de gedetacheerde onder uw leiding en toezicht werkt. Een patiënt kan u financieel aansprakelijk stellen voor een fout die de gedetacheerde heeft gemaakt. Op grond van de wet kunt u die patiënt niet doorverwijzen naar de detacheerder. Soms is het wel mogelijk een schadevergoeding die u aan een patiënt hebt betaald, te verhalen op de detacherende instelling, maar dan moet dat wel goed in de detacheringsovereenkomst zijn geregeld. Het is raadzaam - en relatief goedkoop - een gedetacheerde medewerker mee te verzekeren binnen de beroepsaansprakelijkheidsverzekering van uw praktijk.

5. Moet ik nog aan andere verzekeringen denken? Het is verstandig om met uw verzekeringstussenpersoon te overleggen over het verzekeren van het bedrijfsongevallenrisico voor de gedetacheerde medewerker. Dat risico is weliswaar klein, maar het kan bijvoorbeeld gebeuren dat uw gedetacheerde POH-GGZ wordt mishandeld door een patiënt en daar blijvend letsel aan overhoudt. Een eventuele schadevergoeding kan flink in de papieren lopen. De verantwoordelijkheid om te zorgen voor een veilige werkomgeving, gaat ver. Uit jurisprudentie blijkt dat bij bedrijfsongevallen relatief snel wordt aangenomen dat de werkgever of inlenende partij (ook) ‘schuld’ heeft aan het bedrijfsongeval.

De LHV (Juridische Zaken) kan u ondersteunen met advies, tips, modellen en verwijzingen. Stuur een mail naar jz@lhv.nl.