Voor en door huisartsen
 

De stelling: praktijkmanager is goed voor de praktijk en de patiënt

 

Steeds meer huisartsenpraktijken hebben een praktijkmanager. Betekent de intrede van de praktijkmanager een welkome verlichting voor u? Welke werkzaamheden geeft u met liefde en plezier uit handen? En welke blijft u zelf doen? Krijgt de praktijk meer structuur? En profiteert de patiënt er ook van? Of is het niet allemaal rozengeur en maneschijn? Drie huisartsen, drie meningen.

Matthijs ter Steege, praktijkhouder in Hardenberg

“Onze praktijkmanager is onmisbaar! Haar werk biedt ons veel comfort, maar vooral meer tijd en energie voor de patiëntenzorg. Indirect profi teert de patiënt daar zeker van. Patiënten zijn niet een tussendoortje bij de veelheid aan managementtaken, wij zijn er echt voor het dokterswerk. Bovendien levert het patiënten gemak op als alles in de praktijk goed geregeld is. De praktijkmanager faciliteert bijvoorbeeld e-consulten en afspraken via e-mail. Zaken die buiten de praktijk plaatsvinden, zoals de regionale coöperatievergaderingen, doen we zelf. Wij vormen met vieren een maatschap en onze ervaren praktijkmanager – ze heeft deze functie al een jaar of twaalf – werkt vier dagen per week. Ze regelt veel op het gebied van ICT, personeelsbeleid, declaraties en communicatie, bijvoorbeeld de website en de nieuwsbrief.

Wij moeten als eigenaren van de praktijk natuurlijk meedenken en besluiten nemen. Bij het aannemen van een nieuwe medewerker bijvoorbeeld, beslissen wij wie we aannemen en voor hoeveel uren. Maar de dingen eromheen, het uitzoekwerk en de procedurele kant, neemt zij op zich. Vier dagen per week is krap aan. Voor dezelfde patiëntenpopulatie hebben we steeds meer personeel nodig, moeten we meer medewerkers huisvesting bieden en moet er meer geregeld worden. De praktijkmanager moet al taken delegeren aan de assistenten. Ik zie veel collega’s die gebukt gaan onder administratie en organisatie. Daar hebben wij maar weinig last van. Een praktijkmanager kost geld. Maar wij houden er onbetaalbaar veel werkplezier aan over.”

Derk Runhaar, praktijkhouder in Oostzaan

“Het inhuren van een praktijkmanager is als het behandelen van een paniekstoornis met oxazepam. Het geeft even rust, maar het is louter symptoombestrijding en werkt verslavend. Door het groeiende personeelsbestand en steeds meer overdrachtsmomenten dreigt het heel onrustig en onoverzichtelijk te worden in de huisartsenpraktijk. Veel huisartsen hebben het gevoel dat ze de controle over hun praktijk kwijtraken. Een praktijkmanager brengt rust, er komt meer structuur en de huisarts krijgt meer grip op het totaal.

Het werkt wel degelijk – voor de korte termijn. Maar met de intrede van deze eerste niet-medische discipline in de huisartsenpraktijk ontstaat ook het risico dat medewerkers hun zelfstandigheid verliezen en zoveel mogelijk aan de manager overlaten. Hoe langer dat duurt, des te afhankelijker een team wordt van de manager. Dan wordt de praktijk een miniziekenhuisje met alle kastje-naar-demuur- toestanden die daarbij horen. Het zou zonde zijn als dat de huisartsenpraktijk binnensluipt. In zo’n miniziekenhuisje zou mijn werkplezier danig verminderen.

Ik pleit voor het aanpakken van de oorzaak in plaats van voor symptoombestrijding. Huisartsenzorg is generalistische zorg. Maak het vooral niet ingewikkelder met allerlei specialistische managers en ziektespecifieke ondersteuners. Zorg voor een klein team van generalisten rond de huisarts. Een goede praktijkmanager kan hierover adviseren en maakt zichzelf zo snel mogelijk overbodig.”

Annemarie Keja, praktijkhouder in Rijssen

“Ik ben het volledig met de stelling eens: een praktijkmanager is goed voor de dokter en daarmee goed voor de praktijk én voor de patiënt. De praktijkmanager ontlast mij van niet-patiëntgebonden werkzaamheden, waar ik ook geen affiniteit mee heb. Haar takenpakket bestrijkt de facturering, contacten met IT-mensen, het plaatsen van bestellingen, de vakantieplanning van de assistentes, ze notuleert de maatschapsvergaderingen en houdt in het oog of wij voldoende nascholingspunten hebben. Ze organiseert ook de accreditatie en onderhoudt de contacten met de boekhouder en de bedrijfsgeneeskundige dienst. En dit is nog maar een greep uit haar werkzaamheden.

Wij, mijn collega en ik, houden bijvoorbeeld zelf functioneringsgesprekken, maar de praktijkmanager bereidt ze voor. Ze plant de gesprekken, organiseert ze, maakt een verslag dat wij waar nodig corrigeren en zij zorgt dan dat het in de diverse dossiers terechtkomt. Kortom, wij hebben veel baat bij onze praktijkmanager. Ik mis echter nog een opleiding tot praktijkmanager in de huisartsenpraktijk die echt op de functie is toegespitst. Onze praktijkmanager functioneert op het niveau van managementassistente. Wij sturen haar aan en zo wil ik het ook houden, want uiteindelijk is de huisarts eindverantwoordelijk als arts en werkgever. Nee, ik zou het werk van de praktijkmanager er niet meer bij willen hebben. Er blijft nog genoeg administratie over…”