Voor en door huisartsen
 

Veelgestelde vragen over het LSP

 
 
Vragen die de LHV regelmatig ontvangt over het Landelijk Schakelpunt (LSP) zetten we hier voor u op een rij.

Kosten en vergoeding

1. Krijg ik een vergoeding voor het aansluiten op het LSP?

Sinds 1 april 2014 is er geen jaarlijkse tegemoetkoming meer voor het aansluiten op het LSP voor bestaande praktijken. In geval van praktijkstart en praktijkovername komt u wel in aanmerking voor een vergoeding. 

Verder hebt u recht op een jaarlijkse tegemoetkoming per patiënt (27 eurocent) mits er minimaal 25 procent met de praktijkpopulatie is aangemeld.

2. Krijg ik een vergoeding van de kosten die ik maak voor het vragen van toestemming aan patiënten (de opt-in-vraag)?

Voor het aanmelden van een patiënt ontvangt u 89 eurocent en als u meer dan 35 procent van uw patiënt populatie heeft aangemeld, komt u in aanmerking voor een additionele tegemoetkoming van 29 eurocent per patiënt.

3. Wat wordt er vergoed bij het LSP?

Er zijn 4 typen tegemoetkomingen:

  1. een opt-in-vergoeding (voor de kosten en moeite voor het vragen en registreren van toestemming)
  2. een structurele vergoeding (voor het behalen van een opt-in-doelstelling)
  3. een eenmalige aansluitvergoeding (voor de kosten voor aansluiting bij een nieuwe praktijkstart of praktijkovername).
  4. UZI-middelen worden vergoed

UZI-pas

1. Waarom moet ik een UZI-pas hebben om het LSP te gebruiken?

De Wet aanvullende bepalingen gegevensverwerking in de zorg zorg stelt te de NEN-normen voor beveiliging verplicht. Een van de eisen die hieruit voortvloeien is dat er gezorgd moet worden voor zogenaamde twee-factor-authenticatie. Dat wil zeggen dat er voor toegang twee factoren nodig zijn: je weet iets (je wachtwoord) en je hebt iets (het pasje). Zo wordt het voor onbevoegden extra bemoeilijkt om zich toegang tot patiëntgegevens te verschaffen. Voor toegang tot het LSP is besloten de UZI-pas te gebruiken voor authenticatie. Het gebruik van de UZI-pas voor het LSP wordt vergoed door de zorgverzekeraars.

Toestemming en toegang

1. Moet ik patiënten mondeling of schriftelijk toestemming vragen voor deelname aan het LSP?

De wet schrijft niet voor dat de patiënt schriftelijk toestemming moet geven. Mondelinge toestemming is ook geldig. U bent wel verplicht de verkregen toestemming vast te leggen in uw HIS, evenals de datum waarop de toestemming is gegeven. U zorgt daarmee voor aantoonbaarheid van de toestemming.

De plicht tot registratie in het dossier geldt ook als de patiënt aangeeft de toestemming te willen intrekken of geen toestemming geeft. Het is noodzakelijk dat u bij het vragen van toestemming de patiënt op de juiste manier informeert. Dat kan bijvoorbeeld door gebruik te maken van het informatiemateriaal) van de VZVZ. Het is van groot belang dat u de patiënt deze informatie persoonlijk ter beschikking stelt, zoals door  materiaal te overhandigen aan de balie of mee te sturen met een brief. 

2. Als een patiënt geen toestemming geeft voor het LSP, mag ik dan geen enkele informatie uitwisselen met andere zorgverleners?

Zonder toestemming kunt u geen medische gegevens van de patiënt beschikbaar stellen via het LSP. Maar voor het sturen van patiëntgegevens (het zogenoemde pushverkeer) naar het ziekenhuis, bijvoorbeeld in het geval van een verwijzing, heeft u geen toestemming nodig.

3. Kan iemand via het LSP mijn dossiers aanpassen?

Nee, dat is uitgesloten. Andere zorgverleners kunnen alleen gegevens opvragen, de brongegevens kunnen niet worden gewijzigd. Voor huisartswaarneming geldt wel dat er na een consult door de waarnemer een waarneembericht naar de eigen huisarts wordt gestuurd. De huisarts kan dit toevoegen aan het dossier van de betreffende patiënt.

4. Welke gegevens kan ik opvragen in de praktijk en op de huisartsenpost?

Op de huisartsenpost kunt u als dienstdoend huisarts de professionele samenvatting inzien. Die bestaat uit:

  • de actieve episodes;
  • de journaallijst van de contacten van de laatste vier maanden tussen huisarts en patiënt (en tenminste de laatste vijf contacten);
  • de voorgeschreven medicatie van de laatste vier maanden;
  • alle metingen en uitslagen (NHG codetabel 45, diagnostische bepalingen) binnen de periode van het opgeleverde journaal
  • de actuele overdrachtsgegevens
  • de identiteitsgegevens van de huisarts en de praktijk.
  • contra-indicaties (relevante informatie over comorbiditeit, geneesmiddelenintoleranties en –allergieën).

Op de praktijk kunt u nu alleen het waarneembericht raadplegen. Er draait op het moment wel een pilot waarbij huisartsen via het LSP de medicatie-aflevergegevens kunnen opvragen bij de apotheken die zijn aangesloten op het LSP.

5. Welke gegevens uit mijn patiëntendossiers kunnen worden ingezien door apotheken en waarnemers op de huisartsenpost?

Apotheken kunnen de afleveringen van alle op het LSP aangesloten apotheken raadplegen. Waarnemers kunnen op de post de professionele samenvatting inzien. Het gaat hierbij om uitwisseling van gegevens binnen de regio.
Overigens kan een patiënt u verzoeken bepaalde gegevens in het medisch dossier af te schermen. Andere zorgverleners kunnen de afgeschermde gegevens niet inzien en kunnen ook niet zien dat er gegevens zijn afgeschermd.

6. Is de uitwisseling binnen het LSP regionaal?

Ja. Sinds april 2013 zijn er regionale schotten in het LSP ingebouwd. Er zijn zo’n 50 regio’s waarbinnen huisartsen, apotheken en huisartsenposten gegevens kunnen uitwisselen. Het gaat dus om overzichtelijke en kleinschalige structuren. Het beheer van zo’n LSP-regio wordt door de zorgaanbieders zelf gedaan. Uitgangspunt is dat een regio altijd een huisartsenpost en een dienstapotheek bevat, zodat de uitwisseling van gegevens via het LSP tijdens de waarneming optimaal wordt gewaarborgd. 

Achtergrondinformatie

1. Hoe is de LHV betrokken bij het LSP?

De koepels van huisartsen (LHV), huisartsenposten (InEen), apotheken (KNMP) en ziekenhuizen (NVZ) hebben in 2011 de Vereniging van Zorgaanbieders voor Zorgcommunicatie (VZVZ) opgericht. De VZVZ beheert, onderhoudt en ontwikkelt de zorginfrastructuur van het LSP.

De LHV is lid van de Koepeladviesraad van de VZVZ en is medeondertekenaar van het convenant 'Gebruik landelijke zorginfrastructuur 2016-2020', waarin afspraken zijn gemaakt over het LSP.

2. Waarom ondersteunt de LHV het Landelijk Schakelpunt?

De LHV ziet het belang in van het beschikbaar hebben van betrouwbare gegevens voor dienstdoende huisartsen op de huisartsenposten en een zo compleet mogelijk medicatieoverzicht. Met name voor de behandeling van kwetsbare patiënten kan deze informatie de kwaliteit van de zorg ten goede komen. Het LSP biedt de technische mogelijkheid om de meest relevante patiëntgegevens met toestemming van de patiënt in te zien.

3. Waarom zou ik als huisarts deelnemen aan het LSP?

Het LSP biedt u een betrouwbare manier om een selectie van patiëntgegevens uit de huisartsdossiers op de huisartsenpost beschikbaar te maken. Ook kunt u op de huisartsenpost en in de huisartsenpraktijk zien welke medicatie is verstrekt door de op het LSP aangesloten apotheken. Dat komt de kwaliteit van de geboden zorg ten goede.

De medische informatie die de huisartsenpost via het LSP krijgt, komt overigens niet in de plaats van de eigen waarneming van de behandelend arts. Anamnese en eigen onderzoek door de behandelend arts zijn nog steeds de hoeksteen van een goede behandeling.

4. Ben ik verplicht mij aan te sluiten op het LSP?

Nee, deelname aan het LSP is vrijwillig. De LHV heeft zich er ook altijd hard voor gemaakt dat zorgverzekeraars deelname aan het LSP niet verplicht stellen (in hun contracten).

5. Waar vind ik informatie over hoe ik met het LSP kan werken?

Op de website van de VZVZ is veel informatie beschikbaar over het aansluiten op en gebruik van het LSP. Zo zijn er factsheets, informatiekaarten, trainingen, checklists en nieuwsbrieven beschikbaar.

Ook kunt u contact opnemen met het VZVZ Servicecentrum: 070 - 317 34 92 (bereikbaar op werkdagen van 8.30 tot 17.00 uur) of via het contactformulier.

6. Waar vind ik informatiemateriaal over het LSP om aan mijn patiënten te verstrekken?

De VZVZ heeft verschillende middelen om in te zetten voor de patiëntenvoorlichting. Dit materiaal vindt u op de website van de VZVZ.