Spring naar content

Koester het kleinschalige

Auteur: Mirjam van ’t Veld

Zo’n eerste column in het begin van een nieuw jaar is een uitgelezen moment om vooruit te blikken. En met de komst van een nieuw kabinet dat zijn plannen voor zorg nog zal moeten uitwerken, is dat natuurlijk helemaal een goede timing. Want vooruit blikken is hard nodig, er is grote behoefte aan een langere termijnvisie op zorg en welzijn.

Door de coronapandemie stond de afgelopen 2 jaar de actualiteit voorop, snel crisisbeleid maken en voortdurend bijsturen waren het devies. De grote andere vraagstukken in de zorg kunnen echter niet langer wachten. Hoe gaan we de zorg betaalbaar houden, hoe houden we de kwaliteit hoog, hoe garanderen we toegang tot zorg voor iedereen, hoe zorgen we voor voldoende personeel? We hebben een structurele, langdurige visie nodig waarin die vragen worden beantwoord.

Voor de huisartsenzorg ligt het antwoord wat mij betreft in het behouden van het kleinschalige. Dat klinkt alsof we tegen de stroom in roeien. Want je ziet juist op veel plaatsen – ook in de zorg – de trend naar grootschaliger, naar concentratie, naar meer afstand. Maar die beweging past in mijn ogen volstrekt niet bij de huisartsenzorg. De maatschappij is juist gebaat bij de huisarts dichtbij de patiënt, in de wijk; de huisarts die de achtergrond van patiënten kent en daar rekening mee kan houden, die persoonlijke zorg kan leveren en een gids is in het zorglandschap.

Wat je riskeert als je dat zou verliezen, dat zien we maatschappelijk helaas op andere terreinen terug. Kijk naar veel (overheids)instanties die veel meer op afstand van burgers zijn komen te staan en daardoor anoniemer zijn geworden. Daar valt de persoonlijke benadering en beoordeling van het individu te vaak weg, met soms ernstige gevolgen. De toeslagenaffaire is wel het meest dramatische voorbeeld van wat er gebeurt als de menselijke maat zoek is.

Het vertrouwen in veel instanties is tot een dieptepunt gedaald onder Nederlanders. Gelukkig blijkt keer op keer dat mensen wel veel vertrouwen hebben in de huisarts. Dat is ook de reden waarom ze zich in veel gevallen tot hun huisarts wenden met vragen en twijfels. Nu moeten we natuurlijk niet taken blijven stapelen bij de huisarts, dat is onhoudbaar. Maar zorgen dat de huisarts dichtbij beschikbaar is, blijft ook in de toekomst van groot belang.

Dit is overigens geen pleidooi voor stilstand of voor solisme. Nee, we moeten juist in ontwikkeling blijven om die benaderbare huisarts te behouden. Want met de vergrijzing, huisvestingsvraagstukken, tekorten op de arbeidsmarkt en ga zo maar door, liggen er genoeg uitdagingen die we niet lijdzaam kunnen afwachten. Daar hebben we zelf, als LHV, als huisartsenzorg, een taak in. Maar wel met onze samenwerkingspartners binnen en buiten de zorg. We slaan graag de handen ineen om tot gezamenlijke visies en oplossingen te komen.

Daarom mijn oproep aan het kabinet, aan de gemeenten, aan de zorgverzekeraars en aan al die anderen die betrokken zijn bij het zorgbeleid: realiseer je wat de kracht en het maatschappelijk belang van de huisartsenzorg is en laten we die gezamenlijk versterken.

Mirjam van ’t Veld
Voorzitter Landelijke Huisartsen Vereniging

Deze column is ook verschenen in Medisch Contact op 27 januari 2022

Nieuws over zorgakkoord

De afgelopen weken was het even stil rondom het integraal zorgakkoord. Het ministerie van VWS was een volgende versie van

In een motie roept onze voltallige volksvertegenwoordiging de regering op om, samen met de zorgverzekeraars, de problemen in de huisartsenzorg

Urgentie voor de huisartsenzorg, dat is wat mist, constateert Aard Verdaasdonk na het lezen van 55 pagina’s concept integraal zorgakkoord