Praktische tips voor in de huisartsenpraktijk tijdens COVID-19

 
Praktische tips voor in de huisartsenpraktijk tijdens COVID-19
Dit overzicht biedt u praktische tips van de LHV, voor de praktijkvoering tijdens de COVID-19 pandemie. Met adviezen over hoe u de zorg aan zowel COVID-patiënten als patiënten met overige zorgvragen goed en veilig kunt verlenen. En met tips hoe u de praktijk organiseert zodat iedereen in de praktijk veilig kan werken en verblijven. Geüpdatet 6-8-2020.

Snel door naar:

  1. Patiëntenvoorlichting
  2. Scheiden van patiëntenstromen: triage, niet-COVID-zorg en COVID-zorg
  3. Inrichting en maatregelen in praktijkruimtes
  4. Persoonlijke beschermingsmiddelen
  5. Testbeleid
  6. Personeel: praktijkafspraken, inzet POH-S en POH-GGZ

Onze uitgangspunten bij deze tips zijn:

  • We willen zorgen dat u de reguliere zorg zoveel mogelijk doorgang kunt blijven geven, naast de COVID-zorg.
  • We willen het aantal overdrachtsmomenten van het virus in de praktijk zoveel mogelijk beperken. Hiervoor is het van groot belang de patiëntenstromen tussen COVID-verdachte en niet-COVID-verdachte patiënten te scheiden.

Toepasbaar op uw eigen situatie

De mate waarin u deze tips toepast, hangt van veel factoren af. Zoals de verhouding tussen het aantal COVID- en niet-COVID-gerelateerde zorgvragen, de mogelijkheden die uw praktijkruimte biedt, de situatie bij de zorgverleners om u heen (waaronder de beschikbaarheid van zorg in de tweede lijn). Met dit overzicht willen we u kaders en tips meegeven, die u op uw eigen situatie kunt toepassen waar mogelijk. 

1. Patiëntenvoorlichting

Zuil voor het reinigen van handen met daarop patientinformatieUitgangspunten:

  • Zorg dat uw patiënten weten hoe er in de praktijk nu wordt gewerkt als gevolg van de COVID-19-uitbraak.
  • Wijs patiënten op betrouwbare informatie en waar zij met welke vragen terecht kunnen.

Adviezen:

  • Plaats een bericht op uw praktijkwebsite (zie een voorbeeldbericht hieronder)

Voorbeeldbericht website

Wat te doen met vragen over ziekte en gezondheid die niet gaan over het coronavirus?

Ook tijdens de coronacrisis is uw huisarts bereikbaar voor vragen of klachten waarover u zich ongerust maakt. Contact opnemen met onze praktijk kan via de telefoon en het internet. Het is niet mogelijk om direct naar de praktijk te komen. 

De doktersassistente en/of de huisarts bekijkt dan samen met u wat in uw situatie het beste is om te doen.

  • Informeer uw patiënten via de praktijkwebsite en (e-mail)nieuwsbrief over welke mogelijkheden u biedt voor telefonisch consult, spreekuurconsult, visite, beeldbellen en e-consult.
  • Wijs patiënten op de volgende informatie als zij vragen hebben over (verdenking van) COVID-19:
    • Plaats op uw praktijkwebsite een verwijzing naar de corona-informatie op thuisarts.nl/corona en het landelijke publieksnummer 0800-1351 
    • Plaats op uw website informatie over het drempelloos testen bij de GGD en het landelijke nummer (0800-1202) voor het maken van een afspraak voor het testen bij de GGD.
    • Noem de website van de Rijksoverheid die informatie biedt over reizen, werk, OV, etcetera: 
    • Gebruik de schermen in de wachtkamer voor het informeren van patiënten
    • Stel een extra telefoonkeuze met informatie over COVID-19 (zie voorbeeldtekst hieronder)

Voorbeeldtekst extra telefoonmenu over corona

Hier volgt informatie over het coronavirus.

Heeft u geen klachten en wilt u informatie over het coronavirus, kijk dan op thuisarts.nl of de website van het RIVM.

Heeft u klachten zoals verkoudheid, hoesten, verhoging of plotseling verlies van smaak en reuk? Kom dan niet naar de praktijk en luister dit bandje af.

Het coronavirus wordt overgedragen, vooral door hoesten, maar ook via de handen. U moet denken aan besmetting met het coronavirus als u koorts boven de 38 graden en luchtwegklachten heeft. In dat geval kunt u zich laten testen op het coronavirus. Bel voor een afspraak met de GGD: 0800-1202.

Bent u ouder dan 70 jaar of heeft u een chronische aandoening zoals astma of suikerziekte? Neem dan telefonisch contact op met onze praktijk. Ook als u zich ernstig ziek voelt, bijvoorbeeld hoge koorts of kortademig bent, neem dan telefonisch contact met ons op.

Einde van dit bericht.

  • Zet andere communicatiemiddelen in om uw patiënten te bereiken, zoals:
    • Stuur een informatiebrief aan patiënten.
    • Plaats een bericht/advertentie in het lokale huis-aan-huis-blad. Dat is vaak een goede manier om oudere patiënten te bereiken.
    • Neem een filmpje op.

Voorbeelden van hoe collega-huisartsen dat hebben gedaan:

  • Huisartsen uit Elst maakten een filmpje
  • Huisartsen in de Gelderse Vallei maakten een filmpje
  • Anderen maakten een poster
  • De Drentse Huisartsen verstuurden een brief
  • Huisartsen uit Hulsberg schreven een brief
  • Huisartsen in Rotterdam stuurden in juli naar alle patiënten een brief over het belang van afstand houden, thuis blijven bij ziekteverschijnselen en hygiënemaatregelen.

    Op deze website van de NZa vindt u meer tips en voorbeelden over communicatie richting patiënten in coronatijd.

terug naar boven

2. Scheiden van patiëntenstromen: triage, niet-COVID-zorg en COVID-zorg

Voorbeeld wachtkamer met niet-covid-patiëntenUitgangspunten:

  • Scheid patiëntenstromen waar mogelijk: maak afspraken binnen uw praktijk en/of met andere praktijken over het scheiden van patiëntenstromen, zodat patiënten met verdenking van COVID-19-besmetting en andere patiënten gescheiden van elkaar kunnen worden gezien.
  • Het scheiden van patiëntenstromen doet u op basis van goede telefonische triage.
  • Voer een apart spreekuur voor ‘luchtwegklachten’ aan het eind van de dag of op een aparte locatie, in samenwerking met andere praktijken.
  • Zorg dat patiënten niet te lang hoeven te wachten voor een afspraak in de praktijk, om het onderling contact tussen patiënten te minimaliseren, dus plan fysieke afspraken zo ruim mogelijk in.

Adviezen over triage:

De triage is de sleutel tot het scheiden van patiëntenstromen. Het is bepalend voor de keuze voor het soort contact (fysiek, telefoon, beeldbellen, e-consult) dat er op volgt en is cruciaal voor het voorkomen van overdracht van het virus in de praktijk.

  • Maak eerst onderscheid tussen coronaverdenking en geen coronaverdenking. Dit bepaalt in hoeverre het gebruik van persoonlijke beschermingsmiddelen noodzakelijk zijn en of de patiënt gezien moet worden tijdens een apart spreekuur.
  • Het NHG heeft de verschillende vragen en stappen voor de telefonische triage op een rijtje gezet. 
  • Hoe streng de triage wordt uitgevoerd, is mede afhankelijk van het aantal besmettingen in de regio en de lokale situatie. Dit beslissen praktijken en posten zelf.
  • Zorg dat u op de hoogte bent van de regionale/lokale afspraken rondom de zorg voor COVID-verdachte patiënten. Dit zal gerelateerd zijn aan de mate van voorkomen van COVID-19 in de regio.
  • Zorg ervoor dat u ten alle tijden een werkwijze in de eigen praktijk heeft om een COVID-patiënt of onverwacht COVID-verdachte patiënt op te vangen in de praktijk.
  • Ook op basis van de uitslag van een coronatest kunnen patiëntenstromen worden gescheiden. Het testen van patiënten met klachten die passen bij corona gebeurt in principe door de GGD. Tenzij de huisarts de patiënt zelf moet zien vanwege hun ziek zijn.
  • Maak de keuze om gebruik te maken van alternatieven voor het fysieke consult/visite zoals telefonische consulten, video-/beeldbellen en e-consulten.
  • Maak binnen de praktijk goede afspraken over de inzet hiervan (voor wie en welke klachten is welke consultvorm geschikt) en pas de agenda daarop aan.
  • Heb extra aandacht voor kwetsbare en oudere patiënten. Overweeg de triage van deze patiënten zelf als huisarts te doen.

Adviezen over beoordelen van patiënten verdacht voor COVID-19:

  • Zorg voor adequate persoonlijke beschermingsmiddelen (PBM, zie onderdeel 4 Persoonlijke beschermingsmiddelen voor meer toelichting)
  • Maak afspraken voor zorgvragen van patiënten die in quarantaine zijn, zoals vanwege een COVID- besmetting, positief-geteste binnen het huishouden, of terugkeer uit een gebied waarvoor code oranje geldt.
  • Monitoring: overweeg een terugbelspreekuur in te richten voor patiënten die (mogelijk) met COVID-19 besmet zijn, maar geen indicatie hebben tot opname. Volg hierbij het advies van het NHG om de mogelijk plotseling optredende achteruitgang snel op het spoor te komen.

Adviezen over het spreekuur voor niet-COVID-zorg:

Na het scheiden van de patiëntenstromen door een zorgvuldige triage, geven wij de volgende tips voor het “reguliere” spreekuur waar patiënten zonder verdenking op COVID-19 worden gezien. Bij twijfel over voor COVID-19-bestaande klachten, moet u de patiënt naar het coronaspreekuur verwijzen.

  • Neem meer tijd per patiënt. Spreek met maximaal 2-4 patiënten per uur af, gedurende een bepaald tijdsblok. Dit geeft u de mogelijkheid om patiënten zo min mogelijk met elkaar in contact te brengen in de wachtkamer. Ook geeft dit u ruimte voor extra tijd per patiënt vanwege extra uitleg, extra tijd voor overleg met de tweedelijnsspecialist etc.
  • Indien aanvullend onderzoek noodzakelijk is, houd dan rekening met eventueel gewijzigde (lokale) afspraken zoals over diagnostiek op afspraak, gewijzigde locaties of wachttijden.
  • Indien verwijzing noodzakelijk is, houd dan rekening met eventueel gewijzigde (lokale) afspraken, zoals beschikbaarheid en bereikbaarheid van tweedelijnszorg en de ggz.

terug naar boven

3. Inrichting en maatregelen in praktijkruimtes

Voorbeeld van inrichting spreekkamerUitgangspunten:

  • Laat patiënten alleen de praktijk bezoeken na telefonische triage.
  • Voer een deurbeleid: laat alleen mensen met afspraken naar binnen.
  • Beperk het afhalen van briefjes, recepten e.d., regel dit zo mogelijk elektronisch.
  • Als dat mogelijk is: laat patiënten zoveel mogelijk buiten de praktijk wachten, bijvoorbeeld in de auto. Laat de assistente hen bellen om vervolgens naar binnen te laten komen op het afgesproken tijdstip. Laat ze bij binnenkomst meteen door lopen naar de spreekkamer.
  • Laat patiënten zoveel mogelijk alleen komen.
  • Beperk het aantal patiënten in de wachtkamer.
  • Zorg dat de verblijftijd in de wachtkamer zo kort mogelijk is.

Adviezen:

  • Zorg dat patiënten voldoende afstand (minimaal 1,5 meter) van elkaar kunnen houden in de wachtkamer. Wijs hen daar op met informatiemateriaal zoals op het wachtkamerscherm of met posters op de deur en/of muur.
  • Volg de hygiëneprotocollen uit de Richtlijn Infectiepreventie in de huisartsen- en verloskundigenpraktijk.
  • Maak gebruik van persoonlijke beschermingsmiddelen waar nodig (zie kopje Persoonlijke Beschermingsmiddelen voor meer toelichting).
  • Voor de afvoer van gebruikte PBM en dergelijke gelden de reguliere regels uit de Richtlijn infectiepreventie ten aanzien van afvoer van afval met infectierisico.
  • Zorg dat u ontsmettingsalcohol beschikbaar heeft in uw praktijk voor patiënten om te gebruiken.
  • Gebruik de tips van LHV Bouwadvies voor aanpassingen van praktijkruimtes, logistiek, hygiëne en ventilatie in verband met de coronamaatregelen.
  • LHV Bouwadvies kan u ook adviseren over dergelijk tijdelijke bouwkundige maatregelen. Neemt u daarvoor contact op met de bouwadviescoördinator via bouwadvies@lhv.nl of 085 04 80 111.

terug naar boven

4. Persoonlijke beschermingsmiddelen

Voorbeeld van gebruik van persoonlijke beschermingsmiddelen in de huisartsenpraktijkUitgangspunten:

  • Volg de adviezen van het RIVM en NHG over PBM.
  • Maak binnen uw praktijk beleid over het gebruik van PBM bij coronaverdachte spreekuren, maar ook voor daarbuiten, in tijden dat de verspreiding van COVID-19 weer toeneemt. Denk dan aan inzet vanwege de vergrote kans op overdracht bij asymptomatische COVID-19 patiënten.
  • Zorg voor een extra voorraad aan PBM om een evt. opleving van het virus in uw werkgebied te kunnen opvangen.

Adviezen algemeen:

  • Ons advies voor het berekenen van voldoende voorraad: hanteer een extra voorraad per week van 25 paar handschoenen en 25 mondmaskers per 1000 ingeschreven patiënten. Zorg voor een voorraad van 4 weken. Indien de voorraad niet voldoende blijkt te zijn, of niet aangevuld kan worden via uw vaste leverancier, dan kunt u een aanvraag doen voor PBM via het aanvraagsysteem van het Landelijk Consortium Hulpmiddelen.
  • Zie voor instructie over goed gebruik van de beschermende middelen de NHG-Praktijkkaart

Adviezen voor gebruik van PBM bij COVID-(verdachte)patiënten:

  • Draag bij luchtwegspreekuren of coronaspreekuren (bron RIVM):
    • Minimaal een chirurgisch mondmasker type IIR, , bij zuurstoftoediening een FFP2-masker
    • Draag een doktersjas (alternatief is een schort)
    • Een spatbril
    • Handschoenen
    • Zet de patiënt een chirurgisch mondmasker op.
  • Houd u het masker maximaal 3 uur lang op; dat wil zeggen zonder dat het afgedaan wordt. Als het masker vochtig wordt, moet het gewisseld worden.
  • Was bij gebruik van een doktersjas deze na het spreekuur voor ‘luchtwegklachten’
  • Advies van NHG en RIVM t.a.v. gebruik PBM bij zorg aan kinderen:
    Kinderen t/m 6 jaar met verkoudheidsklachten (loopneus, neusverkoudheid, niezen en keelpijn) kunnen zonder PBM gezien worden indien:
    • ze géén contact zijn van een bevestigde COVID-19 patiënt én
    • ze géén volwassen gezinslid hebben met klachten passend bij COVID-19 én
    • er géén sprake is van hoesten en/of benauwdheid al dan niet met koorts.

Bij kinderen vanaf 7 jaar met vermoeden van COVID-19 worden net als bij volwassenen persoonlijke beschermingsmiddelen voor druppel- en contactisolatie aanbevolen.

Als de klachten van een kind als herkenbaar onveranderd passen bij een reeds bestaande aandoening (zoals hooikoorts of astma), zijn PBM niet nodig. Het NHG baseert dit advies op het kleine percentage kinderen onder de bevestigde COVID-19 patiënten en cijfers die tonen dat verspreiding onder kinderen of van kinderen naar volwassenen minder vaak voorkomt.

  • In lijn hiermee hoeven kinderen t/m 6 jaar met verkoudheidsklachten die voldoen aan de voorwaarden die hierboven staan, ook geen chirurgisch mondneusmasker op als ze in de wachtkamer plaatsnemen. 

Adviezen voor gebruik PBM bij niet-COVID-patiëntencontacten:

  • Volgens de richtlijnen van de FMS en het NHG is het gebruik van PBM in andere patiëntencontacten in principe niet noodzakelijk. Daarbij is het wel belangrijk om de algemene maatregelen van het RIVM te volgen, namelijk afstand houden tot de patiënt, patiënten onderling afstand van minstens 1,5 meter laten houden en kijk waar het mogelijk is om fysieke barrières zoals plexiglas aan te brengen waar die afstand tot en tussen patiënten niet goed mogelijk is.
  • Bij risicovolle handelingen: gebruik een chirurgisch mondneusmasker type IIR en een beschermende bril. Bij voorkeur in combinatie met een doktersjas (eventueel beschermende schort) en wegwerphandschoenen. Risicovolle handelingen zijn diagnostische of therapeutische handelingen waarbij de zorgverlener met hoge frequentie, over langere tijd (per patiënt langer dan 3 minuten), zeer dicht (<30 cm) bij het gelaat van de patiënt komt. In het bijzonder als bovendien de kans bestaat op contact met slijmvliezen in het mond-, neus-, keelgebied of waarbij handelingen hoesten of niezen mogelijk uitlokken. (Bron: Leidraad Persoonlijke bescherming in de (poli)klinische setting vanwege SARS-CoV-2 van FMS). 
  • Bij aerosolvormende handelingen in de huisartsenpraktijk: gebruik een FFP2 ademhalingsmasker.
  • Als adequate triage niet mogelijk is, zoals in een spoedsituatie, is het advies het PBM-gebruik gelijk te stellen aan het gebruik bij patiënten met (een vermoeden van) COVID-19 (zie hierboven). 
  • Lees ook de tips over gebruik van PBM bij een reanimatie.
  • Soms is het vooraf moeilijk in te schatten of de huisarts risicovolle handelingen uit zal voeren. Als de huisarts tijdens een spreekuur niet bij elke patiënt de afweging wil maken of PBM geïndiceerd zijn, kan hij overwegen om tijdens het spreekuur: 
    • een chirurgisch mondmasker te dragen bij fysiek patiëntencontact: maak daar dan efficiënt gebruik van, door aaneengesloten gedurende het spreekuur een chirurgisch mondmasker te dragen. Doe dat wel maar maximaal 3 uur achtereen en wissel het masker eerder als het nat wordt. 
    • een beschermende bril te dragen bij lichamelijk onderzoek, verrichtingen en kleine ingrepen. 
    • handschoenen te dragen bij lichamelijk onderzoek. Wissel de handschoenen bij elke nieuwe patiënt. 
    • een doktersjas/schort te dragen. Doktersjas na gebruik wassen op 60 graden. 
  • Houdt u bij de afweging van wel/niet gebruik PBM ook rekening met de lokale en regionale situatie qua besmettingen. 

terug naar boven

5. Testbeleid

Afstand houden in de huisartsenpraktijkUitgangspunten:

  • Laat patiënten testen volgens de richtlijnen van het RIVM
  • Laat zorgprofessionals voor zover nodig testen in overleg met de GGD.
  • Sinds 1 juni kan iedereen in Nederland bij de GGD kosteloos getest worden. Testen op COVID-19 is ook kosteloos via andere zorgaanbieders (huisartsen, bedrijfsartsen, tweedelijn, e.a als dit via daartoe gecertificeerde laboratoria gaat (bekijk de lijst met laboratoria, onderdeel 6.2). De grootste hoeveelheid testen wordt door de GGD’en uitgevoerd, waarvoor mensen direct – dus zonder tussenkomst van een (huis)arts – een afspraak kunnen maken.

Adviezen:

  • Gebruik de afspraken uit de leidraad extramuraal testen op COVID-19. In deze leidraad staan afspraken die de LHV met het NHG, de GGD-GHOR en VWS heeft gemaakt over de rol van huisartsen en GGD in het testen.
  • Mocht u te maken krijgen met een toerist uit het buitenland met COVID-gerelateerde klachten: vraag de toerist een afspraak te maken voor een test (in een teststraat) via het landelijke callcenter: 0800-1202. De toerist wordt telefonisch op de hoogte gebracht van de laboratoriumuitslag. Alleen als een test van belang is in het kader van de individuele patiëntenzorg, test u zelf.
  • Voor zorgverleners buiten het ziekenhuis geldt een eigen richtlijn voor het testen en de inzet van medewerkers. Die vindt u op de site van het RIVM

terug naar boven

6. Personeel: praktijkafspraken, inzet POH-S en POH-GGZ

Personeel in de huisartsenpraktijk tijdens COVID-pandemieUitgangspunten:

  • Houd iedereen die binnen de praktijk werkt goed op de hoogte over het beleid in de praktijk.
  • Het is voor zowel zorgprofessionals als patiënten belangrijk om te beseffen dat het normaal is om stress te ervaren in deze situatie. Zorgverleners hebben te maken met andere routines, zoals het gebruik van PBM, en het werken in een andere omgeving zoals centrale coronaposten. Het ziektebeeld kan indrukwekkende vormen aannemen. Er moeten soms moeilijke beslissingen worden genomen. Dat kan psychosociale stress veroorzaken.
  • Hanteer ook voor de inzet van ondersteunend personeel een zorgvuldige triage en bekijk of en hoe patiëntencontact het beste mogelijk is.

Adviezen algemeen:

  • Houd iedere ochtend voor aanvang van het spreekuur een korte briefing.
  • Instrueer waarnemend huisartsen en waarnemend ondersteunend personeel goed over het beleid van de praktijk.
  • Besteed aandacht aan de mentale druk die uw medewerkers en uzelf mogelijk ervaren.
  • Informeer zorgmedewerkers over beleid bij klachten en bij contact met een COVID-positief-geteste patiënt.

 Adviezen over de inzet van de POH-S en de POH-GGZ:

  • Bepaal voor de inzet van de POH-S en de POH-GGZ op basis van zorgvuldige triage of er een fysiek of niet-fysiek consult wordt ingezet. De POH-S kan de “ketenzorg”-consulten vervangen door telefonische begeleiding of beeldbellen. De POH-GGZ kan reguliere consulten vervangen door telefonisch en video-consulten.
  • Overleg met de POH welke patiënten het meeste prioriteit hebben, gegeven de ernst van de aandoening en contextuele factoren.
  • De telefonische begeleiding wordt afgestemd met de huisarts. Maak ruimte om patiënten te kunnen bespreken in het geval van vervolgbeleid, als een fysiek consult door de huisarts noodzakelijk blijkt te zijn.
  • Bekijk ook ons overzicht over psychosociale stress tijdens de COVID-19-crisis voor meer tips voor huisartsen en POH-GGZ over de begeleiding van patiënten in deze tijd.
  • Maakt u zich zorgen over ouderen of kwetsbare patiënten, over eenzaamheid of hoe het hen alleen thuis vergaat? Het Rode Kruis heeft getrainde vrijwilligers die hulp kunnen bieden. Zij kunnen vrijwilligers aan ouderen en kwetsbaren koppelen om zo te monitoren of alles goed gaat en of er hulp gewenst is. Bijvoorbeeld door het doen van boodschappen of het bieden van een luisterend oor. U kunt hiervoor contact opnemen met het Districts Actie Centrum van het Rode Kruis in uw regio
  • Voor meer adviezen over personeelszaken tijdens de corona-uitbraak, bekijk de veelgestelde vragen.

terug naar boven