Tips over de registratie na het vaccineren

 
Tips over de registratie na het vaccineren
Het registreren van de covid-vaccinaties die u uitvoert, verloopt wat anders dan u gewend bent vanuit de griepprikken. Bij deze vaccinaties moet namelijk ook geregistreerd worden of de gevaccineerde patiënt toestemming heeft gegeven voor uitwisseling met het RIVM-systeem. Omdat we er geregeld vragen over krijgen, geven we u hierbij wat tips voor hoe u die registratie in uw HIS en de uitwisseling met RIVM succesvol kunt laten verlopen.

1. Moment van registreren

Het beste is om de registratie zo snel mogelijk na de vaccinatiedag uit te voeren. In de NHG-praktijkhandleiding wordt gesteld dat binnen 24 uur te doen. Zo blijven de vaccinatiecijfers zo actueel mogelijk.

2. Wat te registreren

Bij de registratie noteert u 4 zaken in het patiëntdossier in het HIS:

  • in de medicatieregel het toegediende vaccin
  • het batchnummer
  • in de S-regel of de patiënt in de 6 maanden voor de eerste vaccinatie een bewezen COVID-infectie heeft doorgemaakt. In dat geval is een tweede vaccinatie namelijk in principe niet nodig.
  • of een patiënt toestemming heeft gegeven voor het delen van de vaccinatiegegevens met de landelijke RIVM-database CIMS (opt-in).

We horen dat niet iedereen meteen bij de registratie ook de opt-in voor registratie in CIMS verwerkt. Dat is zonde, want daardoor hebt u dubbel werk, want u moet tweemaal alle dossiers langs van gevaccineerden.

Ook is daardoor het risico dat de vaccinatiecijfers in het CIMS wat achterlopen op de daadwerkelijke gezette prikken.

3. Check of de BSN-nummers zijn gevalideerd

Dit is een belangrijke stap. Want als BSN’s van patiënten niet gevalideerd zijn, kunnen de gegevens niet worden uitgewisseld met de landelijke database CIMS als iemand daar wel toestemming voor heeft gegeven. Dan kan uw patiënt straks geen vaccinatiebewijs verkrijgen via CIMS.

Het is wettelijk verplicht om het BSN-nummer van uw patiënten te hebben geverifieerd. Dit betekent dat u bij de SBV-z heeft gecontroleerd dat de NAW-gegevens en het BSN bij elkaar horen en kloppen. Zodat u zeker te weten de juiste persoon ingeschreven heeft staan. Op deze pagina wordt dat verder uitgelegd.

De BSN-verificatie wordt geregistreerd in het HIS. In de handleiding van uw HIS-leverancier vindt u hoe u dat moet doen.

Als u een nieuwe patiënt inschrijft moet u een WID-check uitvoeren. Dan checkt u niet alleen het BSN-nummer, maar aan de hand van een persoonsbewijs controleert u of degene die zich inschrijft ook degene is die hij/zij zegt te zijn. Het verifiëren van het BSN is ook onderdeel van die WID-check.

De verificatie wordt vastgelegd in het HIS.

Vragen?

Heeft u vragen over de registratie van al deze zaken in uw HIS? Neemt u dan contact op met uw HIS-leverancier.