Voor en door huisartsen
 

Voorbehouden handelingen

 
 
Als huisarts bent u wettelijk bevoegd om alle voorbehouden handelingen zelfstandig uit te voeren. Onder strikte voorwaarden mag u andere beroepsbeoefenaars opdracht geven om voorbehouden handelingen te verrichten. De handleiding 'Voorbehouden handelingen bij verpleging, verzorging en thuiszorg' geeft handvatten om zorgmedewerkers op verantwoorde wijze voorbehouden handelingen te laten uitvoeren.

Download de handleiding

Voorwaarden voor het verrichten van voorbehouden handelingen

De Wet BIG onderscheidt voor het verrichten van voorbehouden handelingen drie categorieën bevoegden:

1. Zelfstandig bevoegden

Deze beroepsbeoefenaars zijn bevoegd de indicatie te stellen, de handeling uit te voeren en/of een niet-zelfstandig bevoegde of een functioneel zelfstandig bevoegde de opdracht te geven om de voorbehouden handeling te verrichten. Voor het verpleeghuis en het verzorgingshuis zijn dit de specialist ouderengeneeskunde en de huisarts (in uitzonderingsgevallen de tandarts).

2. Functioneel zelfstandig

Verpleegkundigen (BIG-geregistreerd) zijn functioneel zelfstandig. Dit betekent dat zij de deskundigheid bezitten om bepaalde voorbehouden handelingen zelfstandig uit te voeren, zonder toezicht of tussenkomst van de opdrachtgever. Het gaat hierbij om een totale beroepsgroep. Zij zijn nooit bevoegd om zelf de indicatie te stellen.

Deze voorbehouden handelingen zijn:

  • het geven van een subcutane, intramusculaire en intraveneuze injecties
  • het verrichten van een catheterisatie van de blaas bij een volwassene
  • het inbrengen van maagsonde of infuus (en inbrengen van medicijnen per infuus)
  • het verrichten van een venapunctie

3. Niet-zelfstandig bevoegden

Als aan een aantal in de Wet BIG en door de zorginstelling gestelde voorwaarden is voldaan, mogen ook anderen in opdracht van een zelfstandig bevoegde beroepsmatig voorbehouden handelingen uitvoeren. Zij zijn nooit bevoegd om een indicatie te stellen.

Als arts mag u de opdrachtnemer (bijvoorbeeld verzorgende), een dergelijke opdracht alleen geven als aan wettelijke vastgestelde criteria is voldaan.

Wettelijke eisen aan opdrachtgever en opdrachtnemer van een voorbehouden handeling (artikelen 35 en 38 van de Wet BIG).

Opdrachtgever (arts, tandarts, verloskundige) Opdrachtnemer (alle beroepsbeoefenaren)
1. Deskundig en bekwaam om de te indiceren opdracht te geven 1. In (bij voorkeur schriftelijke) opdracht handelen
2. Voor zover redelijkerwijs nodig: 2. Handelen overeenkomstig de gegeven aanwijzingen
- Aanwijzingen geven  
- Toezicht verzekeren  
- Mogelijkheid tot tussenkomst verzekeren  
3. De bekwaamheid van de opdrachtnemer vaststellen 3. Beschikken over de bekwaamheid om de handeling uit te voeren

Wat betekent toezicht en tussenkomst?

Of toezicht en tussenkomst van u noodzakelijk is en in welke vorm, verschilt per situatie.

  • U kunt direct toezicht houden door op de plaats van de handeling zelf aanwezig te zijn en zo nodig in te grijpen en de handeling over te nemen
  • U bent altijd telefonisch bereikbaar om zonodig aanvullende aanwijzingen of opdrachten te geven. Toezicht en tussenkomst is binnen het verpleeg-/verzorgingshuis gewaarborgd door de 24-uurs bereikbaarheidsdiensten van de verpleeghuisartsen en de huisartsen

Wat zijn aanwijzingen?

Aanwijzingen van de arts hebben meestal betrekking op het observeren van de patiënt en het handelen bij complicaties. Het kan ook gaan om specifieke voorschriften bij het uitvoeren van een voorbehouden handeling. Er wordt volgens vastgestelde protocollen gewerkt. Aparte aanwijzingen moeten schriftelijk worden gegeven.

Wat is voor zover redelijkerwijs nodig?

Aanwijzingen, toezicht en tussenkomst zijn niet in iedere situatie nodig. Het is in eerste instantie uw taak en plicht als arts om dit te bepalen. Hierbij zijn de complexiteit van de handelingen of de situatie, de kans op complicaties en/of bijwerkingen belangrijke overwegingen. Daarnaast kan ook de opdrachtnemer aangeven dat toezicht of tussenkomst door een arts gewenst is.

Bekwaamheid

Onder bekwaamheid wordt verstaan: kennis over de techniek van de handeling, het doel van de handeling, de anatomie, de risico's (contra-indicaties) voor- en nazorg en eventuele complicaties en hoe te handelen bij eventuele complicaties. En vaardigheid / deskundigheid met betrekking tot de uitvoering van de handeling en de bijkomende activiteiten (beslissen, interpreteren, communiceren, attitude, enzovoort).

Bekwaamheid is dus meer dan het technisch juist uitvoeren van de handeling. Bekwaamheid geldt binnen een bepaalde context; de situatie van de patiënt op dat moment. De wet BIG stelt geen eisen aan de manier waarop de bekwaamheid is behaald. Een beroepsopleiding geeft geen garantie voor bekwaamheid.