Uw pensioenregeling

 
Uw pensioenpremie wordt vastgesteld op basis van uw winst uit onderneming (WUO) van drie jaar terug en het aantal uren dat u drie jaar geleden heeft gewerkt. Bent u nog geen drie jaar werkzaam als huisarts, dan wordt gewerkt met een schatting van de WUO en het aantal te werken uren in dat jaar. De betaalde pensioenpremie is fiscaal aftrekbaar.

Ouderdomspensioen

Het doel van deze pensioenregeling is het opbouwen van een goed ouderdomspensioen. De hoogte van dit ouderdomspensioen is gebaseerd op het 'norminkomen' van huisartsen. Is uw inkomen lager dan het 'norminkomen', dan worden de premie en de pensioenopbouw hierop aangepast.

Keuzemogelijkheden voor uw ouderdomspensioen

De pensioenregeling van SPH gaat uit van een standaardpensioenleeftijd van 67 jaar. (In 2018 wordt dit 68 jaar.) U kunt er echter voor kiezen van deze standaardpensioendatum af te wijken. Het pensioen kan op zijn vroegst ingaan vanaf leeftijd 60 of op zijn laatst op leeftijd 73.  Bij vervroeging van meer dan vijf jaar voor de AOW-datum van de deelnemer kan de belastingdienst wel nadere voorwaarden stellen.

Daarnaast kent SPH nog een aantal andere keuzemogelijkheden. Een kort overzicht van de andere keuzemogelijkheden:

  • Deeltijdpensionering vanaf 60 jaar zodat u gedeeltelijk de praktijk uitoefening kunt beëindigen in combinatie met deeltijdpensioen
  • Mogelijkheid tot uitruil van partnerpensioen in een hoger ouderdomspensioen, of andersom
  • Mogelijkheid van conversie bij aanvang pensioen (een voorschot op toekomstige indexaties)
  • Waardeoverdracht
  • Tot maximaal 3 jaar vrijwillige voortzetting

Toeslagverlening

SPH streeft ernaar om de pensioenen ieder jaar te verhogen met een toeslag. Deze toeslag is erg belangrijk om de pensioenen mee te laten stijgen met de lonen en voor de aangroei van het pensioen.

De toeslag bestaat uit twee delen: allereerst volgt SPH de ontwikkeling van de cao-lonen van de overheid. Hiervan kan SPH afwijken indien de inkomensontwikkeling van de huisartsen daar aanleiding toe geeft. Daarnaast proberen we om jaarlijks ook een extra toeslag te geven van maximaal 2,25%.

Er wordt alleen een toeslag verleend als de financiële positie van het pensioenfonds dit toelaat. De toeslag is dus voorwaardelijk, het is geen recht.

Het bestuur van SPH besluit jaarlijks over de hoogte van de toeslag. Hierbij weegt het bestuur de belangen van alle deelnemers zorgvuldig af.

Partnerpensioen

Een partnerpensioen is het pensioen dat uw partner levenslang ontvangt na uw overlijden. De opbouw van partnerpensioen is een verplicht onderdeel van de pensioenregeling van SPH. Het partnerpensioen bedraagt maximaal 70% van het te bereiken ouderdomspensioen.

Wanneer u trouwt of kiest voor een geregistreerd partnerschap dan bent u verplicht dat te melden bij SPH. Dit geldt ook wanneer u gaat samenwonen en daartoe een notariële samenlevingsovereenkomst is gesloten. Zie hiervoor: www.huisartsenpensioen.nl.

Als een deelnemer overlijdt vóór de pensioendatum dan wordt het partnerpensioen aangevuld met een ‘tijdelijk aanvullend partnerpensioen’. Dit extra partnerpensioen wordt uitgekeerd aan de partner van de overleden deelnemer totdat de partner de AOW-leeftijd bereikt.

Wezenpensioen

Voor de kinderen van de huisarts is een wezenpensioen opgenomen in de regeling. Dit pensioen wordt uitgekeerd na het overlijden van de huisarts tot de 18-jarige leeftijd van de kinderen, of, indien en zolang zij studeren of arbeidsongeschikt zijn, tot 27-jarige leeftijd. Het wezenpensioen bedraagt 14% van het te bereiken ouderdomspensioen. Als beide ouders zijn overleden, wordt het wezenpensioen verdubbeld.

Met ingang van 1 januari 2018 wordt het wezenpensioen van de kinderen van deelnemers die vóór de pensioendatum overlijden  aangevuld met een ‘extra aanvullend wezenpensioen’.

Premieovername bij arbeidsongeschiktheid

Wordt u (gedeeltelijk) arbeidsongeschikt, dan daalt het inkomen uit werkzaamheden als huisarts. Daardoor wordt de pensioenopbouw, maar ook het partner- en wezenpensioen, lager. De regeling premieovername, die onderdeel is van de pensioenregeling van SPH, zorgt ervoor dat u ook bij (gedeeltelijke) arbeidsongeschiktheid, voldoende pensioen opbouwt.

Het betalen van de premie wordt dan (geheel of gedeeltelijk) overgenomen door SPH, tot de pensioendatum of eerdere revalidatie.

Let op: vanaf het vierde jaar van premieovername geldt als voorwaarde dat u een inkomensvervangende uitkering ontvangt uit een arbeidsongeschiktheidsverzekering. Heeft u geen arbeidsongeschiktheidsverzekering, of ontvangt u geen uitkering (meer) uit uw arbeidsongeschiktheidsverzekering, dan vervalt de premieovername na drie jaar.