Blog: Dat kan de huisarts wel!
Auteur: Marjolein Tasche
Deze zomer luidde de Nederlandse Vereniging voor Neurologie de noodklok: door de toenemende zorgvraag, en meer behandelmogelijkheden neemt het tekort aan neurologen toe. De voorgestelde oplossing? “Laat de huisarts de vervolgcontroles en begeleiding overnemen.”

En zij zijn niet de enigen die dit zeggen. Nazorg na een operatie? Dat kan de huisarts wel. Valpreventie coördineren? Naar de huisarts. Gesprekken voeren met jongeren over genderidentiteit? Echt iets voor de huisarts! Obesitasinjecties? Huisarts.
Zo heeft de huisarts er de afgelopen jaren vele taken bijgekregen. Zorg voor ouderen met een Wlz-indicatie, zorg voor mensen met een ggz-problematiek die in afwachting zijn van gespecialiseerde ggz-zorg en veel ziekenhuisverplaatste zorg, waarbij de huisarts controles en (soms complexe) nazorg overneemt. Ook zorg waar de tweede of derde lijn geen bijdrage meer kan leveren wordt vaak terugverwezen. Vierdelijnszorg noemen we dat ook wel.
‘De huisarts vangt 90 procent van de zorgvragen op, tegen 5 procent van het zorgbudget. Passende zorg bij uitstek!’
De huisarts kan ook veel. Maar niet alles. En zeker niet zorg die de pet van de huisarts te boven gaat, zoals transgenderzorg of zorg voor patiënten met een complexe ggz-problematiek. Bovendien: door het overnemen van taken van andere specialismes komt de huisarts niet meer toe aan zijn/haar eigen specialisme: het leveren van huisartsenzorg, samen met zijn/haar team!
Wetenschappelijk onderzoek, onder andere van hoogleraar huisartsengeneeskunde Otto Maarsingh heeft overtuigend aangetoond dat mensen met een vaste huisarts langer én gezonder leven, en per saldo minder zorg nodig hebben. De continuïteit die de huisarts biedt heeft daarin een belangrijke rol. “Geen geneesmiddel heeft meer impact dan continuïteit van zorg”, zegt Maarsingh. “Meer continuïteit van zorg leidt tot meer tevredenheid, meer vertrouwen, meer kwaliteit van leven en hogere therapietrouw bij patiënten. En tot minder ziekenhuisopnames, minder SEH-bezoek, minder zorggebruik, lagere zorgkosten en last but not least: langer leven voor de patiënt.”1
Mijn vrees is dat er zoveel op dat toch al overvolle bord van de huisarts wordt gegooid, dat huisartsen niet meer toekomen aan wat hun kracht is: persoonsgerichte zorg, dicht bij de patiënt en continu, zowel 24/7 als gedurende langere tijd. De huisarts vangt 90 procent van de zorgvragen op, tegen 5 procent van het zorgbudget. Passende zorg bij uitstek!
Verschillende adviesrapporten, zoals het RVS-rapport De basis op orde benadrukken het belang van een goede huisartsenzorg en een sterke eerste lijn. Ook het kabinet heeft zich in kamerbrieven meerdere malen uitgesproken in deze richting. Als deze column verschijnt, is het inmiddels Prinsjesdag geweest en zijn de plannen voor het komende jaar gepresenteerd. Ik hoop dat het kabinet de daad bij het woord voegt en echt inzet op versterking van de huisartsenzorg en de eerste lijn. Door te zorgen voor meer extramurale professionals, en extra ondersteuning voor huisartsen met een kwetsbare patiëntenpopulatie.
De huisarts kan als poortwachter de spil zijn in de passende zorg met en rondom de patiënt. Daarom is het programma Meer tijd voor de patiënt ook zo mooi. Het geeft ons de mogelijkheid om te doen wat echt werkt: het goede gesprek voeren met de patiënt, luisteren naar wat er speelt en samen tot de beste zorg komen. Volgens mij is dit hoe passende zorg bedoeld is. En dat is waarom jonge huisartsen kiezen voor het vak van huisarts. Laten we die kracht koesteren en beschermen.
Marjolein Tasche
Voorzitter Landelijke Huisartsen Vereniging
Dit blog is ook verschenen in Medisch Contact | 24 september 2026
1 ‘Persoonlijke continuïteit van de zorg is goud’- interview met Otto Maarsingh in De Dokter, nr 6 – december 2024
Meer columns en blogs
De telefoon roodgloeiend, de wachtkamer vol, een spreekuur dat uitloopt vanwege een spoedgeval. Een beeld dat veel mensen zullen herkennen
‘Aandacht voor diversiteit en inclusie? Dat zit toch wel goed in de huisartsenzorg?’ Dat was mijn eerste, bijna instinctieve reactie