Spring naar content

Huisartsenzorg voor patiënten met een Wlz-indicatie

In de praktijk is niet altijd duidelijk hoe de huisartsenzorg is geregeld voor mensen met een Wlz-indicatie. In welke situaties valt die zorg onder de Zorgverzekeringswet en wanneer onder de Wlz (Wet Langdurige Zorg)? Wie is verantwoordelijk voor de medische basis zorg; de huisarts of de specialist ouderengeneeskunde? Hoe mag deze zorg gedeclareerd worden?

Dit kan leiden tot vragen en onduidelijkheid bij zowel als patiënt als huisarts en zorginstelling. ActiZ en LHV hebben rond deze problematiek een factsheet opgesteld voor zorginstellingen die ook handig is voor u als huisarts.

Zorginstellingen informeren huisarts

Om onduidelijkheid bij de patiënt en diens familie te voorkomen, is het van belang dat de zorginstelling hen goed informeert over de aanspraken binnen de Wlz. Vooral bij opname van patiënten met een intramurale indicatie, is het van belang dat de zorginstelling hen informeert over de levering van medische zorg van algemene aard. Wanneer de patiënt een Wlz-indicatie heeft én de instelling is toegelaten en gecontracteerd om behandeling te leveren, valt de huisartsenzorg onder de Wlz-aanspraak. De huisarts moet de patiënt dan uit schrijven.

Onterechte declaraties en U-bocht

Door de geschetste onduidelijkheden kunnen zich, net als in het verleden onder de AWBZ, problemen voordoen met dubbele declaraties: huisartsen declareren zorgkosten voor patiënten die in een zorginstelling (intramuraal) verblijven bij de zorgverzekeraar, terwijl deze kosten worden vergoed vanuit de Wlz. Het feit dat huisartsen niet op de hoogte zijn van de indicatie van de patiënt is hier debet aan. Met deze factsheet en oproep van ActiZ aan haar leden om huisartsen actief te informeren, moet aan deze onduidelijkheid en dubbele declaraties een einde komen.