Veelgestelde vragen

 

Wet medezeggenschap cliënten zorginstellingen (Wmcz)

  • De minister heeft tijdens de behandeling van de Wmcz 2018 de Kamer laten weten dat het om zorgaanbieders gaat vanuit waar in de regel meer dan 25 natuurlijke personen zorg verlenen. Hieronder vallen dus ook vaste waarnemers en gedetacheerde zorgverleners. Hoeveel uren de zorgverleners per week in de praktijk werkzaam zijn, is niet relevant.

  • Het gaat om mensen die vanuit de huisartsenpraktijk structureel zorg verlenen. Denk hierbij aan de huisarts, doktersassistent, praktijkondersteuner en verpleegkundig specialist.

    Een assistent die naast het plannen van afspraken tevens lichte vormen van zorg in opdracht van de huisarts verricht, zoals het uitspuiten van oren of het meten van de bloeddruk, valt onder het begrip natuurlijke persoon die zorg vanuit de instelling verleent. Assistenten die zuiver administratief werk doen, geen zorg verlenen, vallen niet onder het begrip.

    Een natuurlijke persoon die voor het verlenen van zorg alleen gebruik maakt van de faciliteiten van een andere instelling en wat de inhoud van de zorgverlening betreft geen enkele relatie heeft met die instelling, wordt niet meegenomen bij het bepalen van het aantal natuurlijke personen dat bij de betrokken instelling zorg verleent. Een natuurlijke persoon die echter op verzoek van een huisarts enkele uren per week in de betrokken huisartsenpraktijk aanwezig is voor specifieke hulpvragen van cliënten van die huisarts, wordt wel meegeteld.

    Artsen, doktersassistenten en praktijkondersteuners in opleiding vallen ook onder het begrip «natuurlijke personen die zorg verlenen», indien zij enige vorm van zorg verlenen. Zij moeten echter alleen worden meegenomen in de berekening als de instelling regelmatig een huisarts in opleiding of stagiaire heeft. Niet als er eenmalig gedurende bijvoorbeeld drie maanden een coassistent is.

  • In de Wmcz 2018 wordt gesproken over ‘het aantal zorgverleners per zorgaanbieder’. De vraag is dan of alle huisartsen in uw centrum een volledige maatschap vormen, in dienst zijn van de stichting, dan wel of er sprake is van meerdere praktijken met ieder een eigen AGB-code. Wanneer dit laatste het geval is, en u alleen het personeel deelt, adviseren wij u de ondersteunend medewerkers informeel toe te schrijven aan de verschillende praktijken. Zo kunt u indien gevraagd aantonen dat er in uw praktijk minder dan 25 zorgverleners werkzaam zijn.

  • De Wmcz 2018 is aangenomen door de Tweede Kamer maar moet nog door de Eerste Kamer worden behandeld. De wet treedt op 1 juli 2020 in werking. Vanaf dat moment is het voor huisartsenpraktijken met meer dan 25 zorgverleners verplicht een cliëntenraad te hebben.

    U heeft echter nog tot 31-12-2020 de tijd om met de clientenraad afspraken te maken over de wijze waarop invulling wordt gegeven aan de medezeggenschap en dit neer te leggen in een medezeggenschapsregeling (model in ontwikkeling, volgt in april). Meer informatie over de stappen om een cliëntenraad op te richten kunt u terugvinden in het stappenplan

  • De LHV heeft in samenwerking met InEen, de andere eerstelijnspartijen en de koepelorganisaties van clientenraden LSR en NCZ een stappenplan voor de oprichting van clientenraden opgesteld. De informatie die nu beschikbaar is, is toegeschreven op grote ouderenzorginstellingen en ziekenhuizen. Bovendien wensen wij meer duidelijkheid hierover van het ministerie van VWS.

  • De LHV heeft zich, samen met andere eerstelijnsorganisaties, hard gemaakt voor een uitzonderingspositie van kleinschalige zorgaanbieders. Dit vanwege de ongewenste lastenverzwaring en het feit dat medezeggenschap op vele manieren al is geborgd.

    Door onze lobby is de norm voor kleinschalige zorgaanbieders verhoogd: van 10 naar meer dan 25 zorgverleners. Hierdoor wordt het grootste deel van de huisartsenpraktijken uitgezonderd.