Spring naar content

Overheid maakt onrealistisch beleid voor onvrijwillige zorg

Overheid maakt onrealistisch beleid voor onvrijwillige zorg

9 juli 2019

De huisarts krijgt toch een belangrijke rol in onvrijwillige zorg in de thuissituatie als het aan minister De Jonge (VWS) ligt. Dit blijkt uit zijn brief aan de Tweede Kamer over de Wet Zorg en Dwang. Deze ontwikkeling staat haaks op wat de LHV telkens heeft aangekaart: huisartsen zijn niet bekwaam, bevoegd en bereid om dit te gaan doen. Daarmee maakt de overheid onrealistisch uitvoerbaar beleid.

Beleid en bekostiging afbeelding

De minister neemt onze eerder aangekaarte zorgen onvoldoende weg. Dit zijn zorgen over onduidelijkheid, uitvoerbaarheid, administratieve lasten en tijdige implementatie. De wet is onvoldoende uitgewerkt om die in de ambulante setting uit te kunnen voeren.

Bovendien is nergens te lezen dat de LHV al die tijd heeft aangegeven dat de huisarts niet bekwaam en dus niet bevoegd is op het gebied van onvrijwillige medische zorg en daardoor geen rol heeft en ook niet zal nemen bij dwangzorg in de thuissituatie.

Geen rol voor huisarts

Het wetgevingstraject duurt intussen 10 jaar. Nieuw daarin is het wettelijk kader voor onvrijwillige zorg in de thuissituatie. Al jaren vragen wij om duidelijkheid over de rol en verantwoordelijkheden van de huisarts bij die onvrijwillige zorg thuis. Wij hebben hierover de afgelopen jaren vele brieven geschreven en gesprekken gevoerd met het ministerie van VWS, patiëntenorganisaties en andere partijen van zorgaanbieders.

En nu, een half jaar voor invoering van de Wet Zorg en Dwang, is de minister van mening dat de huisarts de rol van (extern) deskundige, Wet Zorg en Dwang-functionaris en zorgverantwoordelijke op zich kan nemen. Deze duidelijkheid spoort echter niet met wat de huisartsen altijd hebben aangegeven.

De minister deelt ons standpunt dat bekwaamheid voorwaarde is voor betrokkenheid bij onvrijwillige zorg en geeft aan dat de huisarts altijd zelf kan beslissen of hij de zorg wil verlenen. Maar hij gaat voorbij aan het feit dat huisartsen niet bekwaam zijn en deze zorg dan ook niet op zich kunnen en willen nemen. Onvrijwillige zorg maakt geen deel uit van het huisartsgeneeskundig aanbod.

De zorgaanbieder (thuiszorg of geclusterde woonzorgvoorziening) die onvrijwillige zorg inzet moet dit met behulp van eigen bekwame medewerkers organiseren en uitvoeren. Wel is goed te zien dat de huisarts moet worden geconsulteerd over de mogelijkheid om de huisartsgeneeskundige zorg te blijven leveren als de zorgaanbieder thuis onvrijwillige zorg toepast. 

Hoe verder?

Het standpunt van de LHV is duidelijk. We gaan hierover weer met de minister in gesprek en brengen onze bezwaren na het zomerreces nogmaals onder de aandacht van de Tweede Kamer. We houden u op de hoogte van de ontwikkelingen.

Meer informatie

Nieuws

De Wet Bopz wordt vanaf 1 januari 2020 vervangen door 2 nieuwe wetten. Namelijk door de Wet Verplichte Geestelijke Gezondheidszorg (WVGGZ) en de Wet Zorg en Dwang (WZD). Deze wetten staan de toepassing van onvrijwillige zorg thuis toe. Als huisarts kunt u te maken krijgen met patiënten bij wie onvrijwillige zorg aan de orde is. De LHV heeft haar zorgen veelvuldig richting de minister en de Tweede Kamer geuit over de uitvoering van deze wetten, met name in de ambulante setting.

De Wet bijzondere opnemingen in psychiatrische ziekenhuizen (Wet Bopz) wordt per 1 januari 2020 vervangen door de Wet Verplichte Geestelijke Gezondheidszorg (WVGGZ) en de Wet Zorg en Dwang (WZD). Om u op de hoogte te houden van de belangrijkste informatie, heeft de LHV een nieuw webdossier Onvrijwillige zorg samengesteld.

De huisarts krijgt toch een belangrijke rol in onvrijwillige zorg in de thuissituatie als het aan minister De Jonge (VWS) ligt. Dit blijkt uit zijn brief aan de Tweede Kamer over de Wet Zorg en Dwang. Deze ontwikkeling staat haaks op wat de LHV telkens heeft aangekaart: huisartsen zijn niet bekwaam, bevoegd en bereid om dit te gaan doen. Daarmee maakt de overheid onrealistisch uitvoerbaar beleid.