Spring naar content

Online inzage in het patiëntendossier

Bij online inzage kan een patiënt op elk gewenst moment bepaalde gegevens inzien uit het eigen medisch dossier. Wat betekent online inzage voor u als huisarts? Waar moet u rekening mee houden en wat biedt het OPEN-programma? U leest het op deze pagina.

Wat is online inzage?

Sinds 1 juli 2020 bent u als huisarts verplicht om kosteloos elektronische inzage en een elektronisch afschrift van het medisch dossier te geven als een patiënt daar om vraagt.  In elk huisartsinformatiesysteem (HIS) is dit technisch gezien mogelijk. Bijvoorbeeld door een Pdf-bestand te maken en toe te sturen aan de patiënt. Of door de patiënt bij u in de praktijk het eigen medisch dossier te laten inzien.

Online inzage gaat een stapje verder. De patiënt kan dan, op ieder moment, zijn of haar medische gegevens online inzien. Dit kan op twee manieren:

  • Via een patiëntenportaal. Bij een patiëntenportaal logt de patiënt in op het portaal van de huisartsenpraktijk. De belangrijkste delen van het huisartsendossier zijn hier online in te zien. Bijvoorbeeld de medicatie, alle actieve episodes en de e- en de p-regels.
  • Via een persoonlijke gezondheidsomgeving (PGO). Dit is een website of app, waarmee een patiënt toegang heeft tot zijn eigen gezondheidsgegevens. Deze gegevens zijn bij de huisarts, specialist en andere zorgverleners opgeslagen. Een persoonlijke gezondheidsomgeving is dus breder dan een patiëntenportaal omdat een portaal is gekoppeld aan één zorgverlener of zorginstelling. Op de website van de Patiëntenfederatie vindt u veel informatie over PGO’s.

Online inzage is dus een manier van elektronische inzage. Het aanbieden van een online patiëntenportaal of PGO is in tegenstelling tot elektronische inzage niet verplicht.

Bij online inzage geeft u uw patiënten inzage in de volgende gegevens uit hun medisch dossier:

  • Actuele episodes
  • Afgesloten episodes met attentiewaarde
  • Behandeling
  • Profylaxe en voorzorg
  • Actuele medicatie en medicatie-overgevoeligheid
  • Correspondentie
  • Labuitslagen van de laatste 14 maanden
  • E- en P-regels van consulten ná invoering van online inzage

Gegevens die u niet hoeft vrij te geven zijn onder meer persoonlijke werkaantekeningen en gegevens die de privacy van een ander schaden, waarbij de privacybescherming van die ander zwaarder weegt dan het recht op inzage van de patiënt. Hierbij kunt u denken aan informatie die een derde over de patiënt heeft medegedeeld.

Werkt uw praktijk met digitale toepassingen waarbij uw patiënten moeten inloggen? Denk aan patiëntenportalen, inzage in medische gegevens, of een persoonlijke gezondheidsomgeving. Dan krijgt u te maken met de Wet digitale overheid (Wdo). Die stelt eisen aan de manier waarop uw patiënten kunnen inloggen. We zetten voor u op een rij hoe u weet of u voldoet aan deze eisen. En zo niet, wat u dan moet doen.

Eisen aan inloggen en elektronische identificatiemiddelen
De Wdo verplicht u om alleen nog erkende elektronische identificatiemiddelen (eID) met een betrouwbaarheidsniveau ‘hoog’ te gebruiken. Het meest bekende voorbeeld is DigiD, waarbij verschillende betrouwbaarheidsniveaus kunnen worden gebruikt. De overheid wil en verwacht dat er ook nog alternatieve inlogmiddelen komen naast DigiD.
Om te voorkomen dat iedere huisarts en ICT-leverancier voor elk eID een koppeling moet bouwen, heeft de overheid een Toegangsverleningsservice (TVS) opgesteld. Dit zorgt er ook voor dat in de toekomst niet steeds systeemaanpassingen gedaan moeten worden als de beveiligingsniveaus verhoogd worden.

Gevolgen voor de huisartsenzorg
De nieuwe wettelijke eisen betekenen concreet dat u bijvoorbeeld geen toegang meer mag geven tot het patiëntenportaal op basis van een wachtwoord en inlogcode.

Voor de huisartsenzorg hebben we afgesproken dat we trapsgewijs naar het hoogste betrouwbaarheidsniveau toewerken. Beginnend met betrouwbaarheidsniveau ‘substantieel’. Dat houdt in inloggen via DigiD waaraan de eenmalige controle van een paspoort, rijbewijs of identiteitskaart is toegevoegd.

Wat moet u doen?
Als huisartsenpraktijk of huisartsenorganisatie moet u de volgende stappen zetten om uw digitale toegang voor patiënten goed te regelen.

  1. U moet kunnen aantonen dat u BSN-nummers mag verwerken. Dat is voor huisartsenpraktijken vrij eenvoudig, want registratie in het UZI-register volstaat hiervoor. Mocht u nog niet in het UZI-register staan, dan kunt u dit alsnog doen via het CIBG, die daar momenteel extra capaciteit voor hebben. Zorg er dus voor dat u op tijd uw registratie aanvraagt, zodat de afhandeling vlot zal verlopen.
  2. U moet beschikken over een servercertificaat. Dat kan een PKIO-certificaat of UZI-certificaat zijn. Uw leverancier kan dit regelen en op logius.nl/diensten vindt u meer informatie.
  3. Een erkend auditor voert een assessment uit, binnen 2 maanden nadat de aansluiting op TVS in gebruik is genomen. Op dit moment onderzoeken de HIS-leveranciers of ze dit centraal voor al hun klanten kunnen regelen. Daar hoeft u dus nog even geen actie op te ondernemen.
  4. U informeert uw patiënten over de inlogmogelijkheden, zodra deze zijn ingevoerd. Zodra u de DigiD-aansluiting activeert, verandert voor uw patiënten het inloggen bij uw patiëntenportaal. Het Ministerie van VWS zorgt voor een communicatietoolkit. Ook de LHV en InEen ondersteunen u hierbij.

Ondersteuning vanuit leveranciers en de LHV en InEen
U kunt zich nu al aansluiten op TVS. De HIS-leveranciers of portaalleveranciers realiseren de aansluiting. Vanuit de LHV en InEen hebben we overleg met de leveranciers, zodat dit zo goed mogelijk voor u wordt geregeld. Uw leverancier(s) kunnen u ook helpen met andere stappen die nodig zijn.

Meer informatie
Op gegevensuitwisselingindezorg.nl vindt u meer informatie over het programma Digitale toegang in de zorg. Heeft u nog vragen? Neemt u dan contact op met LHV-beleidsadviseur Johan Snijders via j.snijders@lhv.nl.

Online inzage in de huisartsenpraktijk

De voordelen en aandachtspunten van online inzage
Online inzage zorgt voor meer gelijkwaardigheid tussen u en uw patiënten. U heeft allebei dezelfde informatie en kan daarover met elkaar het gesprek aangaan. Dat draagt bij aan het samen nemen van beslissingen. De patiënt heeft meer regie over de eigen gezondheid en zelfzorg wordt gestimuleerd.

Daarnaast is het voor de patiënt prettig om na een consult nog eens te kunnen nalezen wat er precies is besproken en afgesproken. Verder bespaart het u als huisarts werk door de gegevens online beschikbaar te stellen. De patiënt hoeft immers niet meer bij u aan te kloppen voor de gegevens.

Wel is er een aantal dingen waar u zich bewust van moet zijn:

  • Een belangrijk aandachtspunt is de begrijpelijkheid van de informatie. Is het voor een patiënt voldoende duidelijk wat er staat? Bijzondere aandacht vragen laaggeletterden en mensen met beperkte gezondheidsvaardigheden.
  • Voor patiënten kan het confronterend zijn om informatie zwart-op-wit te zien staan, zeker als het om iets ernstigs gaat.
  • Patiënten kunnen benaderd worden door partijen die om hun medische gegevens vragen.

Goede voorlichting is dus erg belangrijk. Op de website van OPEN vindt u teksten en hulpmiddelen om patiënten over online inzage te informeren. Zoals voorbeeldbrieven, flyers, een filmpje voor de wachtkamerschermen en teksten voor de praktijkwebsite.

Ook is er specifiek voorlichtingsmateriaal om patiënten te ondersteunen om veilig met de eigen gegevens te gaan en deze niet onnodig te delen met anderen die daar om vragen. In deze materialen is ook rekening gehouden met mensen die minder taalvaardig zijn. OPEN heeft Pharos gevraagd om veelvoorkomende P-regels om te zetten naar teksten die begrijpelijk zijn voor laaggeletterden en patiënten met beperkte gezondheidsvaardigheden. Ook vindt u op de website een uitgebreid overzicht met veelgestelde vragen op de website van OPEN.

Om huisartsenpraktijken te helpen bij het bieden van online inzage aan patiënten in het huisartsendossier, hebben we in 2018 het OPEN-programma opgericht. Samen met NHG en InEen ondersteunen we deelnemende huisartsen onder meer met de techniek, geaccrediteerde scholing en informatiemateriaal voor patiënten. Op termijn willen we ook voor de programmatische ketenzorg online inzage mogelijk maken via het KIS.

Om huisartsenpraktijken te helpen bij het bieden van online inzage aan patiënten in het huisartsendossier, hebben we in 2018 het OPEN-programma opgericht. Samen met NHG en InEen ondersteunen we deelnemende huisartsen onder meer met de techniek, geaccrediteerde scholing en informatiemateriaal voor patiënten. Op termijn willen we ook voor de programmatische ketenzorg online inzage mogelijk maken via het KIS.

Van alle huisartsenpraktijken doet 85% mee met OPEN, waarvan de helft al daadwerkelijk online inzage aanbiedt. Wilt u meer weten over het OPEN-programma? We hebben de belangrijkste informatie voor u op een rijtje gezet.

Inmiddels kunt u zich niet meer aanmelden voor OPEN. Maar vanzelfsprekend kunt u ook zonder deelname aan het programma zelf online inzage realiseren voor uw patiënten. Bijvoorbeeld door een patiëntenportaal aan te schaffen. Of door te zorgen dat uw HIS verbinding kan maken met PGO’s. Op de website van OPEN staat nuttige informatie die u hierbij kunt gebruiken.

Declareren van het OPEN-tarief

Doet u mee met OPEN? Dan kunt u van 2020 t/m 2022 eenmalig een tarief declareren.
Belangrijk is dat u voldoet aan ál deze 4 voorwaarden:

• U bent aangesloten bij een regionale coalitie
• U heeft de scholing gevolgd
• U heeft uw patiënten geïnformeerd
• Uw HIS functioneert volgens de richtlijnen

De NZa heeft dit tarief voor 2020 vastgesteld op € 2,83 per ingeschreven patiënt. Dit bedrag wordt verstrekt als opslag op het inschrijftarief. Ook is er een opslag op de tarieven voor gemoedsbezwaarden. Deze tarieven worden jaarlijks geïndexeerd.

Meer informatie over de declaratie, de timing van het declareren en het voldoen aan de voorwaarden vindt u in deze factsheet en in de LHV-Declareerwijzer.

Standpunt van de LHV

Als LHV vinden we het belangrijk dat patiënten zelf regie kunnen hebben over hoe ze hun leven vormgeven, zeker als iemand ziek is. Inzicht in gegevens over de eigen gezondheid draagt daaraan bij.

Vandaar dat we, ook vanuit OPEN, insteken op online inzage via een digitaal portaal van de huisartsenpraktijk of via een Persoonlijke GezondheidsOmgeving (PGO). De patiënt kan dan op elk gewenst moment de eigen medische gegevens inzien. Ook past online inzage in de maatschappelijk ontwikkeling van steeds verdergaande digitalisering.

Online inzage heeft effect op het contact tussen huisartsen en patiënten en moet een plek krijgen binnen de dagelijkse consultvoering en praktijkvoering van huisartsen. We zetten ons in voor een goede inbedding in de dagelijkse praktijk en voor het goed regelen van de randvoorwaarden voor huisartsen.

Bekijk ook

Nieuws

Veel praktijken die in het kader van OPEN een DVZA-overeenkomst hebben afgesloten, zijn geconfronteerd met extra kosten die daaraan zijn verbonden. LHV en InEen vinden dat er voor alle praktijken een vergoeding moet komen van deze kosten. We willen ook een structurele oplossing voor de huidige, onwenselijke DVZA-situatie. We hebben afspraken gemaakt met VWS, Zorgverzekeraars Nederland  en de Patiëntenfederatie Nederland om tot een oplossing te komen.

Neemt uw huisartsenpraktijk deel aan OPEN, dan heeft u nog enkele weken om de volgende stap te zetten, zodat online inzage ook mogelijk wordt via een persoonlijke gezondheidsomgeving (PGO). Deelnemende praktijken moeten een DVZA-overeenkomst afsluiten en ingeschreven staan op de MedMij Zorgaanbiederslijst. We verwachten dat er deze zomer aanvullende financiering komt voor praktijken voor deze DVZA-aansluiting.

Rond januari 2021 zijn de meeste technische aanpassingen in de HIS’en gereed die het mogelijk maken om met een persoonlijke gezondheidsomgeving (PGO) online inzage te krijgen in de eigen medische gegevens bij de huisarts. De daadwerkelijke implementatie in de huisartsenpraktijken volgt in het half jaar daarna. Vanuit OPEN en de regionale coalities wordt u hierin ondersteund.